678550
7
Zoom out
Zoom in
Previous page
1/17
Next page
www.skoda-auto.com
Swing: Fabia, Roomster, Praktik, Rapid, Yeti, Superb
Rádio holandsky 11.2013
S00.5615.03.32
5J0 012 732 DD
SIMPLY CLEVER
Radio Swing
Instructieboekje
Opbouw van dit instructieboekje
(toelichtingen)
Dit instructieboekje is systematisch opgebouwd, om zo het vinden van de benodig-
de informatie te vergemakkelijken.
Aan het begin van dit instructieboekje vindt u een inhoudsopgave waarin alle be-
schreven onderwerpen opeenvolgend zijn gerangschikt.
Richtingsinformatie
Alle richtingsinformatie, zoals "links", "rechts", "voor", "achter", heeft betrekking op
de rijrichting van de wagen.
Verklaring van symbolen
Markeert het einde van een paragraaf.
Geeft aan dat de paragraaf op de volgende pagina wordt voortgezet.
® Geeft een geregistreerd handelsmerk aan.
Aanwijzingen
ATTENTIE
De belangrijkste aanwijzingen zijn voorzien van de titel ATTENTIE. Deze AT-
TENTIE-aanwijzingen wijzen u op ernstig gevaar voor ongevallen of verwon-
dingen.
VOORZICHTIG
Een Voorzichtig-aanwijzing wijst u op mogelijke schade aan uw wagen (bijvoor-
beeld schade aan de versnellingsbak) of op algemene gevaren voor ongevallen.
Let op
Een normale
aanwijzing wijst u op belangrijke informatie bij het gebruik van uw
wagen.
Inhoudsopgave
Algemene aanwijzingen
Belangrijke aanwijzingen 2
Diefstalbeveiliging 2
Apparaatbeschrijving en -bediening 3
Apparaatinstellingen 4
Radio
Bediening
6
Cd-speler
Bediening
8
Externe bronnen
Bediening 11
Parkeren en manoeuvreren
Optisch parkeersysteem
13
1
Inhoudsopgave
Algemene aanwijzingen
Belangrijke aanwijzingen
Inleidende informatie
Dit instructieboekje van de radio Swing (hierna het apparaat genoemd) aan-
dachtig doorlezen, omdat dit een voorwaarde vormt voor de juiste bediening
van het apparaat.
In dit instructieboekje worden altijd alle uitrustingsvarianten beschreven, zonder
dat deze als meeruitvoering, modelvariant of marktafhankelijke uitrusting worden
aangegeven.
Hierdoor kan het voorkomen dat in uw wagen niet alle uitrustingscomponenten
aanwezig zijn die in dit instructieboekje worden beschreven.
De uitrustingsomvang van uw wagen heeft betrekking op het koopcontract van
uw wagen. Meer informatie krijgt u bij de ŠKODA Servicepartner
1)
, waar u de wa-
gen heeft aangeschaft.
Houdt u er rekening mee dat dit boekje een aanvulling vormt op de informatie die
in het instructieboekje van de wagen staat vermeld. Daarom dient dit boekje al-
leen in combinatie met het actuele instructieboekje van de wagen te worden ge-
bruikt. Een uitvoerige beschrijving van enkele in dit boekje vermelde functies
vindt u in het instructieboekje van de wagen.
Bij eventuele vragen kunt u contact opnemen met een ŠKODA Partner.
De afbeeldingen kunnen op kleine details afwijken van uw apparaat; zij zijn
slechts als algemene informatie op te vatten.
Bediening van het apparaat
Het apparaat mag alleen worden bediend als de verkeerssituatie dit toelaat.
ATTENTIE
Houd uw aandacht altijd bij het verkeer! Als bestuurder draagt u de volledi-
ge verantwoordelijkheid voor de besturing van de wagen.
Gebruik het apparaat alleen als u uw wagen volledig onder controle hebt -
gevaar voor ongevallen!
Het volume zodanig instellen dat u akoestische signalen van buiten, bijvoor-
beeld de sirene van de politie, de ambulance en de brandweer, altijd goed
kunt horen.
Een te hoog ingesteld volume kan het gehoor beschadigen!
Verzorging van het beeldscherm
VOORZICHTIG
Geen oplosmiddelen als benzine of terpentine gebruiken, omdat dit het opper-
vlak van het beeldscherm aantast.
Het beeldscherm voorzichtig behandelen, omdat door hard drukken of contact
met scherpe voorwerpen deuken en krassen kunnen ontstaan.
Let op
Vingerafdrukken op het beeldscherm kunnen met een zachte doek en eventueel
met zuivere alcohol worden verwijderd.
Diefstalbeveiliging
Antidiefstalcode
Het apparaat is met een comfortcodering uitgerust. Bij de eerste ingebruikname
wordt de beveiligingscode niet alleen in het apparaat, maar ook in de wagen op-
geslagen.
Na het losmaken en weer aansluiten van de accu eerst het contact inschakelen
met de contactsleutel, en pas dan het apparaat inschakelen.
1)
Toelichting van begrippen » Instructieboekje, hoofdstuk Voorwoord.
2
Algemene aanwijzingen
Indien men het apparaat in een andere wagen wil inbouwen, dient de beveili-
gingscode te worden ingegeven. In dit geval dient een specialist te worden opge-
zocht.
Omdat het apparaat alleen functioneert na het ingeven van de beveiligingscode,
is het gebruik na diefstal praktisch uitgesloten - een belangrijke bijdrage aan de
diefstalbeveiliging.
Let op
De code is in het instrumentenpaneel opgeslagen. Hierdoor vindt een automati-
sche decodering plaats (comfortcodering). Daarom is het handmatig ingeven van
de code normaal gesproken niet nodig.
Code ingeven
Het apparaat bij ingeschakeld contact inschakelen.
Met behulp van de functietoetsen
1
-
4
12
» Afbeelding 1 op pagina 3 de
beveiligingscode ingeven.
De veiligheidscode bevestigen door indrukken van de functietoets
6
12
.
Indien bij het ingeven van de code een onjuiste code wordt bevestigd, kan de pro-
cedure nog eenmaal worden herhaald.
Indien de code een tweede maal verkeerd wordt ingegeven, wordt het apparaat
gedurende circa een uur geblokkeerd. Pas na een uur, waarbij het apparaat en
het contact zijn ingeschakeld, is het mogelijk de veiligheidscode weer in te geven.
De cyclus - twee pogingen, één uur geblokkeerd - blijft van toepassing.
Apparaatbeschrijving en -bediening
Apparaatbeschrijving
Afbeelding 1 Overzicht apparaat
- Instelknop
voor het in- en uitschakelen van het apparaat
Voor de volume-instelling (draaien)
Menuknop
voor het opvragen van een menu voor de instelling van de parameters
voor het apparaat of de cd-speler
Voor het activeren van de functie Scan
Toets
MEDIA
voor het activeren van de weergave van audiobronnen
Toets
RADIO
voor het activeren van de radiofunctie
Toetsen
Snel zenderzoeken in de radiofunctie
Titelkeuze in cd-functie, snel vooruit- en terugspoelen in cd-functie
1
2
3
4
5
3
Algemene aanwijzingen
Toets
INFO
Weergave radio-tekstinformatie
Weergave van extra informatie van mp3-cd's
Toets
voor de klankinstelling
Toets
AS
voor het automatisch opslaan van zenders
Toets
TP
voor het activeren van de ontvangst van verkeersmeldingen
Cd-opening
Cd-eject-toets
Functietoetsen
Radiozender opslaan en selecteren
Cd selecteren
Code ingeven
Apparaat in-/uitschakelen
Door kort indrukken van de instelknop
1
» Afbeelding 1 op pagina 3 wordt het
apparaat in- resp. uitgeschakeld.
Indien bij ingeschakeld apparaat de contactsleutel wordt verwijderd, schakelt het
apparaat automatisch uit. Het apparaat kan door het indrukken van de instelknop
1
weer worden ingeschakeld. Bij uitgeschakeld contact schakelt het apparaat
(ontladingsbeveiliging van de accu) na circa een uur automatisch uit.
Indien het apparaat door het verwijderen van de contactsleutel werd uitgescha-
keld, schakelt deze na het opnieuw inschakelen van het contact weer in.
Apparaatinstellingen
Klank instellen
Op de toets
en vervolgens op de functietoets
12
» Afbeelding 1 op pagina 3
drukken en de gewenste parameter selecteren.
Door draaien van de menuknop
2
de gewenste waarde instellen.
Er kan tussen de volgende parameters worden gekozen:
BASS - Lagetoneninstelling.
MIDDLE - Middentoneninstelling.
TREBLE - Hogetoneninstelling.
BALANCE - Instelling van de volumeverhouding links/rechts.
6
7
8
9
10
11
12
FADER - Instelling van de volumeverhouding voor/achter.
ON VOL - Het apparaat slaat het volume op dat voor het uitschakelen het laatst
was ingesteld. Indien deze waarde hoger is, wordt na het opnieuw inschakelen
van het apparaat het volume naar de waarde van de parameter ON VOL ver-
laagd;
PDC VOL - Indien de wagen met een "parkeerhulp" is uitgerust, wordt het volu-
me automatisch op een voorgedefinieerde waarde verlaagd als de "parkeer-
hulp" actief is.
GALA - Het volume van het apparaat neemt toe bij toenemende rijsnelheid (een
hogere waarde betekent een sterkere toename van het volume).
LOUD - Bij een laag ingesteld volume versterkt deze functie de lage en hoge
frequenties.
Speciale functies instellen
De menuknop
2
» Afbeelding 1 op pagina 3 langer indrukken.
Met behulp van de functietoetsen de afzonderlijke menu-opties selecteren.
Met de menuknop
2
of met behulp van de functietoetsen de gewenste waarde
instellen.
AUX
In-/uitschakelen van de functies van de externe audiobron.
Instelling van de ingangsgevoeligheid AUX LEV:
LEV 1 - Hoog niveau, met name voor notebooks.
LEV 2 - Gemiddeld niveau, voor cassette- of cd-spelers.
LEV 3 - Laag niveau, voor mp3-spelers.
PHONE
Indien uw wagen met een handsfreeset is uitgerust, kan de weergave van de te-
lefoongesprekken via de luidsprekers van de wagen worden in- of uitgeschakeld.
BEEP
In-/uitschakelen van het geluidssignaal bij het opslaan van radiozenders.
ILLUM
Inschakelen (waarde 2)/uitschakelen (waarde 1) van de verlichting van de bedie-
ningsknoppen.
AF
In-/uitschakelen van de functie van de alternatieve frequentie (AF).
4
Algemene aanwijzingen
Deze zorgt ervoor, dat automatisch de best te ontvangen frequentie van de ge-
kozen zender wordt ingesteld. Het geluid van de radioweergave kan tijdens het
zoeken naar de best te ontvangen frequentie gedurende zeer korte tijd worden
onderdrukt. Indien geen alternatieve frequentie voor de ingestelde zender kan
worden gevonden en de ontvangstkwaliteit niet voldoende is, wordt een andere
zender gekozen.
REG
In-/uitschakelen van een regionaal programma.
Een zender verzendt regionale programma's met een verschillende inhoud.
Het apparaat probeert eerst alleen alternatieve frequenties van de gekozen zen-
der in te stellen.
Indien de kwaliteit echter zo slecht wordt dat een "programmaverlies" dreigt, ac-
cepteert het apparaat "aanverwante" frequenties.
FIX - De ontvanger schakelt naar een regionaal "aanverwante" zender, als de
ontvangst van de actuele zender weg kan vallen.
AUTO - De ontvanger zal de regionaal "aanverwante" zender zonder beperkin-
gen gebruiken.
BT-AUDIO
In-/uitschakelen van de draadloze overdracht van bestanden van een aangeslo-
ten Bluetooth
®
-apparaat
5
Algemene aanwijzingen
Radio
Bediening
Frequentiegebied wisselen
Het apparaat heeft radio-ontvangst in de analoge frequentiegebieden FM en AM.
Voor deze frequentiegebieden zijn elk twee geheugenplaatsen FM1/FM2/FM3
en AM1/AM2/AM3 beschikbaar. Voor deze groepen zijn elk 6 geheugenplaatsen
beschikbaar.
Om te wisselen van frequentiegebied de toets
RADIO
lang bedienen en met de
functietoets
12
het frequentiegebied FM of AM selecteren.
De toets
RADIO
kort bedienen, om van geheugengroep van het geselecteerde
frequentiegebied te wisselen.
Radiozenders zoeken en opslaan
Handmatig zoeken
Dor draaien aan de menuknop
2
» Afbeelding 1 op pagina 3 de frequentie van
de gewenste radiozender instellen.
Zenders opslaan
Na het selecteren van de radiozender de functietoets
12
, waaronder de zender
moet worden opgeslagen, zo lang ingedrukt houden tot het geluid van de radio-
zender kortstondig wordt onderdrukt en een kort signaal klinkt.
Automatisch zoeken en opslaan van radiozenders
Op de toets
AS
drukken. Er wordt gestart met automatisch zenderzoeken,
waarbij de 6 zenders met het sterkste signaal in het geheugenniveau FM3 resp.
AM3 worden opgeslagen.
Als het opslaan van de radiozenders onder de functietoetsen
12
is afgesloten,
kan de gewenste radiozender worden opgeroepen door op een functietoets
12
te
drukken.
Let op
Door nogmaals op de toets
AS
te drukken, worden de opgeslagen radiozenders
van het actuele frequentiebereik geactualiseerd en opnieuw in het geheugenni-
veau FM3 resp. AM3 opgeslagen.
Functie SCAN
De radiozenders op een frequentiebereik kunnen na elkaar kort (gedurende 10
seconden) worden afgespeeld.
Op de menuknop
2
» Afbeelding 1 op pagina 3 kort drukken, de radio zoekt au-
tomatisch alle beschikbare zenders in het actuele frequentiebereik.
Om terug te keren naar oorspronkelijke radiozender op de functietoets CANCEL
12
» Afbeelding 1 op pagina 3 drukken.
Het automatisch zenderzoeken wordt beëindigd door op de functietoets OK
12
te drukken. De actuele radiozender blijft geselecteerd.
Om verdere radiozenders te selecteren op de functietoets SKIP
12
drukken.
Functie RDS
Sommige radiozenders zenden extra tekstinformatie mee - die als radiotekst kan
worden omschreven.
Door op de toets
INFO
te drukken, wordt de informatie van de radiotekst weer-
gegeven.
Let op
De tekstinformatie hoeft niet op alle radiozenders beschikbaar te zijn.
Afhankelijk van de kwaliteit van het ontvangen signaal heeft het apparaat een
bepaalde tijd nodig om alle weergegeven tekens correct in te lezen.
Functie verkeersmeldingen
Inschakelen/uitschakelen
Op de tuimelschakelaar
TP
drukken.
De verkeersinformatie wordt uitgeschakeld door opnieuw op de tuimelschakelaar
TP
te drukken. Het weergegeven symbool

verdwijnt.
6
Radio
Verkeersmeldingen activeren en deactiveren
Met het symbool  op het beeldscherm van het apparaat wordt de paraatheid van
de verkeersinformatiebewaking weergegeven.
Gedurende de weergave in het menu Media wordt op de achtergrond continu de
laatst gekozen radiozender ontvangen, die verkeersmeldingen ondersteunt. Als
de laatst ingestelde zender geen verkeersinformatiezender was, wordt op de
achtergrond automatisch de meest passende verkeersinformatiezender inge-
steld. Tijdens het zoeken naar een passende zender wordt op het beeldscherm
TP SEEK weergegeven.
Als de ingestelde radiozender geen verkeersmeldingen uitzendt, dan wordt op
het beeldscherm   weergegeven.
Een binnenkomende verkeersmelding onderbreekt automatisch de weergave of
het beluisteren van een andere zender die momenteel geen verkeersmeldingen
uitzendt. Op het beeldscherm wordt INFO en zendernaam weergegeven. Na het
beëindigen van de verkeersmelding keert het apparaat automatisch terug naar de
oorspronkelijke weergave.
Let op
Enkele radiozenders identificeren zichzelf als verkeersinformatiezender, hoewel
ze dit niet zijn. Het gaat hierbij dus niet om een storing aan het apparaat indien
bij dergelijke radiozenders geen verkeersinformatie wordt weergegeven.
7
Radio
Cd-speler
Bediening
Aanwijzingen over de omgang met cd's
In de interne speler kunnen alleen cd-rom, cd-r en cd-rw worden afgespeeld.
Cd plaatsen
Een cd met het opschrift naar boven zo ver in de cd-opening
10
» Afbeelding 1 op
pagina 3 schuiven tot deze zelfstandig naar binnen wordt getrokken.
De weergave start automatisch.
Cd verwijderen
Op de toets
drukken - de cd wordt uitgeschoven.
Als de "uitgeschoven" cd niet binnen circa 10 seconden wordt verwijderd, wordt
deze om veiligheidsredenen weer naar binnen getrokken.
Toetsen op het apparaat voor het regelen van de actuele audiobronnen
Gedurende de cd-weergave kort op de toets
of
drukken of aan de menu-
knop
2
draaien om de vorige resp. volgende titel te selecteren.
Om snel vooruit of achteruit te spoelen langer op de toets
of
drukken. De
weergave wordt na het loslaten van de toets voortgezet.
Om te bladeren in mappen of afspeellijsten (indien deze op de cd aanwezig zijn)
op de betreffende functietoets
12
drukken (geldt voor mp3-bestanden).
Tussen de audiobronnen wisselen
Op de toets
MEDIA
drukken om de audiobron te selecteren: CD (interne cd-speler),
CDC (externe cd-wisselaar), AUX/MDI (externe ingang) en BT-AUDIO (draadloze
overdracht van mp3-bestanden uit de mobiele-telefoonvoorbereiding).
ATTENTIE
De cd-speler is een laserproduct. Dit laserproduct werd ten tijde van de pro-
ductiedatum conform de nationale/internationale normen DIN EN 60825-1:
2008-05 en DHHS Rules 21 CFR, Subchapter J als klasse 1 laserproduct gekwa-
lificeerd. De laserstraal in dit klasse 1 laserproduct is zo zwak dat er bij correct
gebruik geen gevaar bestaat. Dit product is zodanig ontworpen dat de laser-
straal door het apparaat afgeschermd wordt. Dit betekent echter niet dat de
aanwezige laser zonder zijn behuizing niet als een laserproduct van een hoge-
re klasse zou kunnen worden gekwalificeerd. Om deze reden dient de behui-
zing van het apparaat in geen geval te worden geopend.
VOORZICHTIG
In de interne speler mogen geen cd's met de aanduiding "Niet in spelers zonder
schuiflade aanbrengen" of Eco Disc worden geplaatst.
Na het indrukken van de toets
duurt het enkele seconden tot de cd wordt
uitgeschoven. Gedurende deze tijd is de blokkering van de cd-opening geopend.
Beslist wachten tot de cd is uitgeschoven, voordat een nieuwe cd wordt ge-
plaatst. Anders kan de speler in het apparaat worden beschadigd.
Een vervuilde, mechanische beschadigde, niet leesbare of verkeerd aange-
brachte cd kan weergaveproblemen veroorzaken. Om deze reden kan de cd mo-
gelijk niet afspeelbaar zijn of kan deze overslaan. De cd controleren en correct in
het apparaat plaatsen. Bij aanhoudende problemen een andere cd proberen en zo
nodig een specialist opzoeken.
Als de temperatuur in het apparaat te hoog is, wordt geen cd meer geaccep-
teerd. Het apparaat gaat naar de laatst actieve functie.
Het oppervlak van de cd nooit met vloeistoffen zoals benzine of terpentine rei-
nigen - gevaar voor beschadiging.
De cd nooit blootstellen aan direct zonlicht!
De cd alleen beschrijven met hiertoe geschikte stiften.
De cd niet beplakken!
Let op
Op een slecht wegdek en bij heftige trillingen kan de cd-speler bij het afspelen
overslaan.
Bij koude weersomstandigheden en na regenbuien kan vocht in het apparaat
neerslaan (condensatie). Dit kan leiden tot overslaan of de weergave verhinderen.
In dergelijke gevallen moet u wachten tot het vocht is verdwenen.
8
Cd-speler
Indien een cd vervuild is, deze nooit in een cirkelvormige beweging schoonma-
ken, maar van binnen naar buiten. Hiertoe een zachte pluisvrije doek gebruiken.
Bij sterke vervuiling adviseren wij de cd met een universele cd-reiniger schoon te
maken en te laten drogen.
Cd's met kopieerbeveiliging en zelfgebrande cd-r en cd-rw worden onder be-
paalde omstandigheden niet of slechts beperkt weergegeven.
Let ook op de verdere aanwijzingen betreffende de mp3-functie.
De wettelijke bepalingen ten aanzien van het auteursrecht in uw land in acht
nemen.
De cd-speler bevat geen onderdelen die onderhoud behoeven of gerepareerd
moeten worden. In geval van een defecte cd-speler moet een specialist worden
opgezocht.
Als de cd niet wordt verwijderd, wordt deze om veiligheidsredenen weer naar
binnen getrokken.
Als vóór het wisselen naar de cd-functie een TP-zender was ingesteld, wordt de
cd-weergave tijdens verkeersinformatie onderbroken en schakelt het apparaat
om naar de radiofunctie. Na het beëindigen van de verkeersinformatie wordt de
cd-weergave weer voortgezet.
Functie SCAN
Opeenvolgende weergave van de eerste 10 seconden van de titels.
De menuknop
2
» Afbeelding 1 op pagina 3 kort indrukken om het doorzoeken
van de cd te starten. Van iedere titel worden de eerste 10 seconden afgespeeld.
Om terug te keren naar oorspronkelijk weergegeven titel op de functietoets
CANCEL
12
drukken.
Het automatisch zenderzoeken wordt beëindigd door op de functietoets OK
12
te drukken. De reeds weergegeven titel blijft geselecteerd.
Om een andere titel te selecteren op de functietoets SKIP
12
drukken.
Selecteerbare functies in de cd-functie
Tijdens de cd-weergave worden op het beeldscherm de volgende functies weer-
gegeven:
RPT
Selectie van de modus voor titelherhaling.
OFF - Weergave in doorlopende volgorde.
TRACK - Continu herhalen van de geselecteerde titel.
FOLDER - Indien een cd met mp3-bestanden is aangebracht, worden de titels
(bestanden) uit de map (folder) herhaald die bij de start van de herhaalmodus
actief was.
FLD DOWN (PREV PL - bij de weergave van afspeellijsten)
Omlaagbladeren in de mappen.
FLD UP (NEXT PL - bij de weergave van afspeellijsten)
Omhoogbladeren in de mappen.
FOLDER
Weergave van titels uit de mappen.
PLAYLIST
Weergave van titels uit de afspeellijst (map van geselecteerde titels uit afzonder-
lijke mappen die op de cd zijn opgeslagen).
BROWSE
Bladeren in de gehele mappenstructuur.
Deze functie is alleen actief bij externe audiobronnen die via de MDI-ingang zijn
aangesloten.
CANCEL - Functie BROWSE beëindigen.
TOP - Terugkeren naar de rootmap.
UP - Terugkeren naar één niveau hoger.
PLAY ALL - Weergave van alle titels uit de geselecteerde map.
OPEN
1)
- Openen van de lijst met submappen van de geselecteerde map.
PLAY
2)
- Start de weergave van de geselecteerde titel.
MIX
Weergave van titels in willekeurige volgorde.
Let op
De functies
OPEN en PLAY met behulp van de functietoets of door het indrukken
van de menuknop
2
» Afbeelding 1 op pagina 3 bevestigen.
1)
Geldt voor een mappenstructuur met submappen.
2)
Geldt voor een mappenstructuur zonder submappen.
9
Cd-speler
Algemene aanwijzingen over de mp3-functie
Eisen aan mp3-bestanden en mp3-gegevensdragers
Cd-rom, cd-r, cd-rw met een capaciteit van 650 Mb en 700 Mb.
De cd's moeten voldoen aan de ISO 9660-Level 2 standaard en het Joliet-be-
standssysteem (single session en multisession).
Bestandsnamen mogen niet meer dan 64 tekens bevatten.
De mapstructuur mag niet meer dan 8 niveaus bevatten.
De naam van de uitvoerende artiest, het album en de titel van het weergegeven
mp3-bestand kunnen worden weergegeven indien deze informatie als ID3-tag
aanwezig is. Indien geen ID3-tag aanwezig is, wordt de map- of bestandsnaam
weergegeven.
Afspeellijsten worden niet ondersteund.
Wma-bestanden (Windows Media Audio) kunnen eveneens worden afgespeeld,
indien ze niet door de DRM-techniek (Digital Rights Management) auteursrech-
telijk zijn beschermd. Dergelijke WMA-bestanden worden door het apparaat niet
ondersteund.
Weergave van extra informatie (mp3-bestanden)
Op de toets
INFO
drukken, op het beeldscherm wordt extra informatie over de ac-
tuele titel weergegeven.
Met behulp van de functietoetsen
1
-
6
12
» Afbeelding 1 op pagina 3 kan de
weergave van extra informatie over mp3-bestanden op het display worden geko-
zen:
Bitrate (datastroom per tijdseenheid)
Het apparaat ondersteunt mp3-bestanden met bitrates van 32 tot 320 kbit/s en
mp3-bestanden met variabele bitrate.
Bij bestanden met variabele bitrate kan de weergave van de speeltijd onnauw-
keurig zijn.
10
Cd-speler
Externe bronnen
Bediening
Aanwijzingen en omgang met externe bronnen
Het is mogelijk externe audiobronnen in de wagen via het apparaat weer te ge-
ven.
Op elk gewenst moment kan op het apparaat een andere audiobron worden ge-
kozen. Zolang de externe audiobron niet wordt uitgeschakeld, blijft deze altijd op
de achtergrond actief.
De bediening van de externe audiobron staat beschreven in de handleiding van
de betreffende fabrikant.
Indien ook een externe audiobron via de multimedia-ingang is aangesloten, wordt
in het menu Audio in plaats van de functietoets
AUX
de toets
MDI
weergegeven.
Houd er rekening mee dat een via de AUX-ingang aangesloten audiobron alleen
kan worden gebruikt wanneer op dat moment geen apparaat op de multimedia-
ingang is aangesloten.
Voorwaarden voor een juiste aansluiting
Voor het aansluiten van externe audiobronnen via de AUX-ingang wordt een
standaard 3,5 mm jackplugstekker gebruikt. Indien de externe audiobron niet
voorzien is van deze jackplugstekker moet een adapter worden gebruikt.
Er kunnen alleen apparaten met USB 2.0 specificatie worden aangesloten.
De versie van de tabel voor de toewijzing van de bestanden, de FAT (File Alloca-
tion Table) van het aangesloten apparaat moet FAT16 (< 2 GB) of FAT32 (> 2 GB)
zijn.
Bij de weergave van een apparaat met een harde schijf (HDD) waarop zich een
zeer grote hoeveelheid data bevindt, kan een tijdsvertraging optreden bij het
inlezen van het overzicht van de muziekbestanden.
Bij de weergave van een apparaat waarop zich een gecompliceerde mapstruc-
tuur bevindt, kan een tijdsvertraging optreden bij het inlezen van het overzicht
van de muziekbestanden.
De mapstructuur op het aangesloten apparaat mag niet meer dan 8 niveaus be-
vatten. Een map mag niet meer dan 1.000 bestanden bevatten.
Voor het aansluiten van het apparaat mag geen USB-verlengkabel of USB-hub
worden gebruikt.
Adapter
Voor het aansluiten van audiobronnen via de MDI-ingang is een speciale adapter
nodig.
Voor het aansluiten van USB-apparaten, apparaten met mini-USB-uitgang of een
iPod adviseren wij een adapter uit het programma aan originele ŠKODA accessoi-
reprogramma aan te schaffen.
Weergavevolume van de externe audiobron aanpassen
Het weergavevolume van de externe audiobron kan via de volumeregelaar op het
apparaat worden gewijzigd.
Afhankelijk van de aangesloten audiobron kan het uitgangsvolume van de exter-
ne audiobron worden gewijzigd.
U kunt bovendien de ingangsgevoeligheid van de externe audiobron wijzigen om
zo het weergavevolume van de externe audiobron aan de andere audiobronnen
aan te passen of vervormingen te voorkomen.
ATTENTIE
De externe bronnen nooit op het dashboard leggen. Deze kunnen bij een
plotselinge manoeuvre in het interieur worden geslingerd en de inzittenden
ernstige verwondingen toebrengen.
Externe bronnen nooit in de buurt van de airbags leggen. Ze kunnen bij het
activeren van de airbag in het interieur worden teruggeslingerd en de inzit-
tenden ernstige verwondingen toebrengen.
Tijdens het rijden mogen externe bronnen niet in de hand worden gehouden
of op de knieën worden gelegd. Deze kunnen bij een plotselinge manoeuvre
in het interieur worden geslingerd en de inzittenden ernstige verwondingen
toebrengen.
De aansluitkabel van de externe bron altijd zodanig positioneren dat deze
bij het rijden geen belemmering vormt.
VOORZICHTIG
De AUX-ingang mag alleen voor audiobronnen worden gebruikt!
11
Externe bronnen
Let op
De bediening van de externe bron staat beschreven in de handleiding van de
betreffende fabrikant.
De externe audiobron die via AUX is aangesloten, kan alleen worden gebruikt
wanneer op dat moment geen apparaat op de MDI-ingang is aangesloten.
Als via AUX een externe audiobron is aangesloten die met een adapter voor een
externe voeding is uitgerust, kan het voorkomen dat het audiosignaal wordt ge-
stoord. Dit hangt van de kwaliteit van de gebruikte adapter af.
AUX-ingang
De ingang voor externe audiobronnen AUX bevindt zich onder de voorste arm-
steun.
De AUX-ingang wordt geactiveerd door het indrukken van de toets
MEDIA
en
door aansluitend indrukken van de functietoets
AUX
.
Na het aansluiten van de bron start de weergave automatisch.
Externe audiobronnen die op de AUX-ingang zijn aangesloten, kunnen niet via
het apparaat worden bediend.
MDI-ingang - Multimedia-ingang
De ingang voor externe audiobronnen MDI bevindt zich onder de voorste arm-
steun, in het opbergvak aan bijrijderszijde of in het opbergvak in de middencon-
sole voorin (afhankelijk van het model).
Voor het aansluiten van audiobronnen via de MDI-ingang is een speciale adapter
nodig.
De MDI-IN-ingang wordt geactiveerd door het indrukken van de toets
MEDIA
en
door aansluitend indrukken van de functietoets
MDI
.
Audiobestanden van de op de MDI-ingang aangesloten, externe informatiedra-
gers in mp3-, wma-, ogg-vorbis- en aac-formaat kunnen via het apparaat worden
afgespeeld.
Externe audiobronnen die op de MDI-ingang zijn aangesloten, kunnen via het ap-
paraat worden bediend.
Bluetooth
®
-speler
Het apparaat kan draadloos met de Bluetooth
®
-speler worden verbonden.
De koppelingsprocedure van de Bluetooth
®
-speler met het apparaat » Instruc-
tieboekje, hoofdstuk Communicatie en Multimedia.
Een snelle koppelingsprocedure is mogelijk als dit door de Bluetooth
®
-speler
wordt ondersteund. Als op het display van de Bluetooth
®
-speler of op het
beeldscherm van het apparaat een pincode wordt weergegeven, dient deze te
worden bevestigd.
De weergave wordt gestart en geregeld via de Bluetooth
®
-speler
Let op
Volg eventuele koppelingsverzoeken op de Bluetooth
®
-speler op.
Wij adviseren het maximale volume van de draagbare speler in te stellen.
12
Externe bronnen
Parkeren en manoeuvreren
Optisch parkeersysteem
Afbeelding 2
Voorbeeld van de weergave op
het beeldscherm van het appa-
raat
Het apparaat ondersteunt de bestuurder bij het parkeren en het manoeuvreren
met de weergave op het beeldscherm.
Meer informatie over de parkeerhulp zie » Instructieboekje, hoofdstuk Parkeer-
hulp.
Beeldbeschrijving
Een zich in de gevarenzone bevindend obstakel.
Niet verder rijden!
Een zich buiten de gevarenzone bevindend obstakel.
A
B
13
Parkeren en manoeuvreren
ŠKODA AUTO a.s. werkt continu aan de verdere verbetering van alle typen en mo-
dellen. Wij vragen u om begrip, dat om deze reden wijzigingen van de leverings-
omvang in de vorm, uitvoering en techniek mogelijk zijn. De gegevens over uiter-
lijk, maten, gewichten, normen en functies van de wagen komen overeen met de
stand van de informatie op het moment van het ter perse gaan van dit instructie-
boekje. Sommige uitrustingen worden pas op een later tijdstip geïntroduceerd of
worden alleen in bepaalde markten aangeboden (informatie hierover is verkrijg-
baar bij ŠKODA Partners). Uit de gegevens, afbeeldingen en beschrijvingen in dit
instructieboekje kunnen geen aanspraken worden afgeleid.
Nadruk, reproductie, vertaling of andere vormen van gebruik, ook van gedeelten,
is zonder schriftelijke toestemming van ŠKODA AUTO a.s. niet toegestaan.
ŠKODA AUTO a.s. behoudt zich uitdrukkelijk alle rechten op grond van het au-
teursrecht voor.
Wijzigingen voorbehouden.
Uitgegeven door: ŠKODA AUTO a.s.
© ŠKODA AUTO a.s. 2013
www.skoda-auto.com
Swing: Fabia, Roomster, Praktik, Rapid, Yeti, Superb
Rádio holandsky 11.2013
S00.5615.03.32
5J0 012 732 DD
SIMPLY CLEVER
Radio Swing
Instructieboekje
7


Need help? Post your question in this forum.

Forumrules


Report abuse

Libble takes abuse of its services very seriously. We're committed to dealing with such abuse according to the laws in your country of residence. When you submit a report, we'll investigate it and take the appropriate action. We'll get back to you only if we require additional details or have more information to share.

Product:

For example, Anti-Semitic content, racist content, or material that could result in a violent physical act.

For example, a credit card number, a personal identification number, or an unlisted home address. Note that email addresses and full names are not considered private information.

Forumrules

To achieve meaningful questions, we apply the following rules:

Register

Register getting emails for Skoda Swing - 2014 at:


You will receive an email to register for one or both of the options.


Get your user manual by e-mail

Enter your email address to receive the manual of Skoda Swing - 2014 in the language / languages: Dutch as an attachment in your email.

The manual is 1,86 mb in size.

 

You will receive the manual in your email within minutes. If you have not received an email, then probably have entered the wrong email address or your mailbox is too full. In addition, it may be that your ISP may have a maximum size for emails to receive.

Others manual(s) of Skoda Swing - 2014

Skoda Swing - 2014 User Manual - English - 17 pages

Skoda Swing - 2014 User Manual - German - 17 pages


The manual is sent by email. Check your email

If you have not received an email with the manual within fifteen minutes, it may be that you have a entered a wrong email address or that your ISP has set a maximum size to receive email that is smaller than the size of the manual.

The email address you have provided is not correct.

Please check the email address and correct it.

Your question is posted on this page

Would you like to receive an email when new answers and questions are posted? Please enter your email address.



Info