515628
▼ Ad by Refinery89
2
Zoom out
Zoom in
Previous page
1/30
Next page
GEBRUIKSAANWIJZING AHO SP
Dank u
dat u Oticon Safari heeft gekozen om beter mee te gaan horen.
Wij hebben er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat uw nieuwe hoortoestel van de
beste kwaliteit is. Daarnaast is het eenvoudig in het gebruik en onderhoud.
Het is aan te bevelen deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen, zodat u optimaal
profijt heeft van uw toestel.
Safari is voorzien van de modernste technologie en maakt gebruik van de nieuwste
inzichten.
Inhoud
Afbeelding AHO SP 5
Vervangen van de batterij 7
AHO SP – Kindveilige batterijlade (optie) 9
Aan- en uitzetten 10
Links/Rechts markering 11
Inzetten van het toestel 12
Druktoets 13
Programma’s (Optie) 14
Volumeregelaar (Optie) 16
Volumeregelaar en ConnectLine (optie) 18
Dempfunctie (optie) 19
Luisterspoel (Optie) 20
AutoPhone (Optie) 21
FM 23
DAI (Direct Audio Input) 25
Hoorbare en visuele indicatie 27
Onderhoud 30
Vermijd hitte en vocht 36
Goede communicatiegewoonten 37
Zeven eenvoudige stappen om beter te gaan horen 38
Oplossingen bij kleine problemen 44
Waarschuwingen Gele bladzijden
5
BELANGRIJK
Lees dit boekje zorgvuldig door voordat u het hoortoestel gaat gebruiken. Het bevat
belangrijke aanwijzingen en informatie over het gebruik en onderhoud van het
hoortoestel en de batterijen .
De AHO SP is een krachtig hoortoestel. Sta daarom nooit toe dat anderen uw hoortoe-
stel dragen. Verkeerd gebruik kan blijvend gehoorverlies veroorzaken.
Afbeelding – AHO SP
Microfoonopeningen
Volumewiel
Druktoets
Oorstukje
(optie)
Batterijlade
Toonbocht
Slangetje
Geluidskanaal
Ventilatie-
kanaal
Batterijtype: 13
Visuele
indicatie (LED)
7
Vervangen van de batterij
Een lege batterij moet altijd onmiddellijk worden vervangen.
Wanneer de batterijspanning laag is, blijft het LED-lampje
snel knipperen (indien geactiveerd) en de gebruiker hoort
twee signalen (indien geactiveerd).
U hoort deze waarschuwing als de batterij nog voor enkele
uren stroom heeft. De twee waarschuwingssignalen
worden met regelmatige tussenpozen herhaald om aan
te geven dat de batterij vervangen moet worden.
Wanneer de batterij leeg is, gaat het hoortoestel uit.
U hoort dan vier signalen die aangeven dat het hoortoestel
niet langer werkt en het LED-lampje (indien geactiveerd)
gaat uit.
8 9
Vervangen van de batterij:
Open de batterijlade volledig door aan de verhoogde rand aan de onderkant van het
toestel te trekken. Verwijder de oude batterij. Voor het verwijderen en plaatsen van de
batterij kan het magnetische uiteinde van de MultiTool worden gebruikt.
Verwijder de sticker van de +-kant van de nieuwe batterij.
Plaats de nieuwe batterij met het magnetische uiteinde van de MultiTool.
Zorg dat het +-teken op de batterij overeenkomt met het +-teken op de batterijlade.
Sluit de batterijlade.
Eventueel vocht op de batterij moet met een doekje
worden weggeveegd.
Na het vervangen van de batterij kan het enkele
seconden duren voordat de batterij optimaal werkt.
MultiTool
AHO SP – Kindveilige batterijlade (optie)
Om de batterij buiten bereik van (jonge) kinderen en mensen met een verstandelijke
beperking te houden is het aan te bevelen een kindveilige batterijlade te gebruiken.
De batterijlade kan alleen met de MultiTool geopend worden. Plaats de MultiTool in de
gleuf aan de onderkant van het hoortoestel en duw de batterijlade open.
Belangrijk: Probeer de batterijlade nooit verder
dan mogelijk te openen. Plaats de batterij op de
juiste manier. Gebruik geen overmatige kracht.
10 11
Aan- en uitzetten
U zet het toestel aan door de batterijlade (met batterij) volledig te sluiten. Als de
hoorbare en visuele indicatie zijn geactiveerd hoort u vervolgens een opstartmelodie
en geeft het LED-lampje het knipperpatroon van het gekozen programma aan (Zie het
hoofdstuk over programma’s). Dit betekent dat de batterij en het toestel werken.
U zet het hoortoestel uit door de batterijlade enigszins te openen totdat u een ‘klik’ voelt.
Zet de batterijlade volledig open als u het toestel niet gebruikt. De batterij gaat dan
langer mee.
BELANGRIJK
Open de batterijlade volledig
als het hoortoestel niet wordt
gebruikt, met name ‘s nachts,
om het binnenin verzamelde
vocht te laten verdampen.
Klik
UIT
Klik
Links/Rechts markering
Hoortoestellen worden op een specifiek gehoorverlies aangepast. Bij het gebruik van
twee toestellen kan het linkertoestel anders geprogrammeerd zijn dan het rechter.
Het is dus van belang om de toestellen van elkaar te kunnen onderscheiden.
Voor eenvoudige herkenning van het linker- en rechtertoestel kan op de batterijklep
een kleurcodering zijn aangebracht.
Blauw markeert het LINKER-toestel.
Rood markeert het RECHTER-toestel.
AAN
12 13
Inzetten van het toestel
Plaats de tuit van het oorstukje in de gehoorgang en
let hierbij op dat het bovenste puntje (A) achter en
onder de oorplooi (B) zit.
Trek de oorlel iets naar achter en druk het oorstukje
zachtjes in de gehoorgang.
Zodra het oorstukje goed in het oor zit, pakt u de
onderkant van het hoortoestel en plaatst het voor-
zichtig achter het oor.
A
B
Druktoets
Uw hoortoestel is voorzien van een druktoets om tussen de verschillende programma’s
te schakelen.
14 15
Programma’s (Optie)
Het hoortoestel heeft maximaal vier verschillende voorkeurprogramma’s. Bij gebruik van
FM of DAI worden automatisch twee programma’s na de standaardprogramma’s toegevoegd.
(raadpleeg de hoofdstukken FM en DAI voor meer informatie).
Bij schakelen tussen de programma’s geeft het hoortoestel signalen om aan te geven welk
programma is ingesteld. De visuele indicatie toont een overeenkomstig knipperpatroon.
Signalen Visuele indicatie
Eén signaal, bij overschakelen naar programma 1 Een keer knipperen
Twee signalen, bij overschakelen naar programma 2 Twee keer knipperen
Drie signalen, bij overschakelen naar programma 3 Drie keer knipperen
Vier signalen, bij overschakelen naar programma 4 Vier keer knipperen
Door de toets in te drukken gaat u naar het volgende programma, bijvoorbeeld van P1-P2.
Hieronder vindt u een beschrijving van de beschikbare programma’s.
In te vullen door de audicien!
Prg. 1:
Prg. 2:
Prg. 3:
Prg. 4:
Bij gebruik van twee hoortoestellen
Om de bediening te vereenvoudigen kan de druktoets worden geprogrammeerd om, via
de draadloze communicatie tussen de toestellen, ook het andere toestel naar hetzelfde
programma te laten overschakelen. Dit heet binaurale coördinatie.
16 17
Volumeregelaar (Optie)
Het volumewiel kan worden geactiveerd. Hiermee kunt u het volume in specifieke
situaties op het voor u meest aangename niveau instellen.
Het volumewiel is gemarkeer met de cijfers 1, 2, 3 en 4 en heeft een ‘klik’-stand:
Instelling
4 Harder
3 Gewenst geluidsniveau
2
Zachter
1
Klik Niet actief (stil en stroombesparend)
De normale volume-instelling is 3. Bij terugdraaien van het wiel naar het normale niveau
hoort u een dubbele piep (indien geactiveerd). De visuele indicatie (indien geactiveerd)
knippert snel 5 keer.
Als u het wiel tot onder de ‘1’ terugdraait voelt u een klik; het toestel wordt stil en is
niet meer actief. U kunt deze instelling gebruiken om het geluid van het toestel te
onderdrukken terwijl u het in heeft.
Denk eraan om het toestel weer terug te draaien naar het gewenste volumeniveau 3.
BELANGRIJK
Gebruik de ‘klikstand’ niet om het toestel uit te zetten. Er wordt dan nog steeds stroom
gebruikt.
18 19
Volumeregelaar en ConnectLine (optie)
Voor gebruik van Streamer als afstandsbediening, bij telefoongesprekken of
tv/muziekstreaming moet de volumeregelaar (indien geactiveerd) tussen de 1 en 4
staan. Streaming is niet mogelijk als het toestel in de inactieve ‘klik’-stand staat.
Als u Streamer gebruikt om het volume in te stellen komt het volume niet meer overeen
met de indicaties op het volumewiel. Door het volumewiel eerst op de inactieve ‘klik’-
stand en vervolgens tussen de 1 en 4 te draaien, of het toestel uit en weer aan te zetten
wordt de instelling van het volumewiel weer hersteld.
Bij instelling van het volume naar het gewenste niveau hoort u een dubbele piep.
Tijdens audiostreaming moet u het volume met Streamer instellen. Streamer regelt het
volume onafhankelijk van de instelling van het volumewiel op het hoortoestel.
BELANGRIJK
Gebruik de Dempfunctie niet om het hoortoestel uit te zetten. Er wordt dan nog steeds
stroom gebruikt.
Dempfunctie (optie)
Wanneer u de toets minimaal 3 seconden ingedrukt houdt, schakelt het toestel naar de
dempfunctie.
U kunt de dempfunctie gebruiken om de microfoons uit te zet-
ten. Zo kunt u het toestel uit het oor halen zonder dat het fluit.
Door de toets nogmaals in te drukken schakelt u het toestel
weer in.
Opmerking: Door de boven- of onderkant van de toets in te
drukken zet u beide toestellen op Standby.
3 sec
indrukken
20 21
Luisterspoel (Optie)
De luisterspoel is een ontvanger voor een wisselend magnetisch veld waarmee een
ringleidingsysteem audiosignalen uitzendt. De luisterspoel kan worden gebruikt bij
telefoongesprekken en voor ringleidingen in theaters, kerken, of collegezalen en wordt
aangegeven met het volgende symbool.
De luisterspoel wordt geactiveerd door met de druktoets naar het luisterspoelprogramma
over te schakelen. Na inschakeling geeft het toestel het overeenkomstige luisterspoelpro-
gramma aan met een aantal signalen/knipperpatroon.
Zie ‘Programma’s’ voor de plaats van het luisterspoelprogramma.
AutoPhone (Optie)
Het hoortoestel kan gebruik maken van de ingebouwde AutoPhone-functie. Deze functie
wordt geactiveerd als het toestel in de buurt komt van de hoorn van de telefoon.
Bij activering van het telefoonprogramma hoort u twee korte geluidssignalen.
Na het beëindigen van het telefoongesprek keert het toestel automatisch terug naar het
voorgaande programma.
Niet alle telefoons kunnen de AutoPhone activeren.
Er kan een speciale magneet op de telefoonhoorn
nodig zijn. Raadpleeg uw audicien voor meer
informatie.
22 23
WAARSCHUWING
Bij gebruik van een AutoPhone-magneet:
Houd de magneet buiten bereik van kinderen en huisdieren. Raadpleeg
onmiddellijk een arts bij inslikken van een magneet.
Draag de magneet niet in een borstzak en houd de magneet altijd 30 cm uit de
buurt van actieve geïmplanteerde apparatuur. Gebruik de telefoon met magneet
bij voorkeur aan de tegenoverliggende kant van een pacemaker of andere actieve
geïmplanteerde apparatuur.
Houd de magneet 30 cm weg van creditcards en andere magnetisch gevoelige
voorwerpen.
FM
Met een FM-ontvanger (accessoire) maakt het hoortoestel rechtstreeks verbinding
met een externe draadloze FM-zender.
Koppeling van de FM-ontvanger
Open de batterijlade en schuif de FM-ontvanger op het
toestel. Voor koppeling met een FM-ontvanger met een
3-pin Euroconnectie kan de FM-adaptor FM9 worden
gebruikt.
Wanneer het hoortoestel maar één programma heeft
en de FM-ontvanger gekoppeld is en aan staat, schakelt
het, afhankelijk van de configuratie, automatisch naar
een programma dat een combinatie van microfoon- en
externe draadloze signalen van de FM-zender of alleen
externe draadloze signalen van de FM-zender ontvangt.
Hoortoestel
FM-ontvanger
24 25
Gebruik de programmatoets (indien geactiveerd) om te schakelen tussen standaard- en
FM-programma’s.
Zodra de FM-ontvanger aan het hoortoestel is gekoppeld worden automatisch twee
FM-programma’s (FM + microfoon en Alleen FM) na de standaardprogrammas toegevoegd.
Raadpleeg de specifieke FM-handleiding voor gedetailleerde instructies over het gebruik
van de FM-ontvanger.
DAI (Direct Audio Input)
Wanneer het hoortoestel door middel van een DAI-adaptor (accessoire) met een externe
geluidsbron, zoals een CD-speler, mp3-speler, op het lichaam gedragen FM-ontvanger of
een handmicrofoon is gekoppeld, worden de signalen van deze apparaten rechtstreeks
naar het toestel gezonden.
Koppeling van de DAI-adaptor
Open de batterijlade en schuif de DAI-adaptor op het
toestel.
Koppel het DAI-snoer aan de adaptor.
Wanneer het hoortoestel maar één programma heeft
en de DAI-adaptor gekoppeld is en aan staat, schakelt het,
afhankelijk van de configuratie, automatisch naar een
programma dat een combinatie is van een DAI-programma
met de hoortoestelmicrofoon of een alleen DAI-programma.
Hoortoestel
DAI-snoer
contact
DAI-adaptor
26 27
Gebbruik de programmatoets (indien geactiveerd) om te schakelen tussen standaard- en
DAI-programma’s.
Zodra de DAI-adaptor aan het hoortoestel is gekoppeld worden automatisch twee
FM-programma’s (DAI + microfoon en Alleen DAI) na de standaardprogramma’s
toegevoegd.
BELANGRIJK
Bij DAI-koppeling van op het elektriciteitsnet aangesloten apparatuur moet deze
apparatuur voldoen aan IEC-60065, IEC-60601 of vergelijkbare veiligheidseisen.
Hoorbare en visuele indicatie
De statusindicatie kan op twee manieren worden weergegeven; met geluidssignalen en/
of een LED-lampje. De indicatie wordt ingesteld door de audicien. In de onderstaande
tabel vindt u een overzicht van de verschillende instellingen.
Visuele indicatie (LED-lampje) Geluidssignalen
Safari SP
staat AAN
Tijdens het opstarten brandt het LED-lampje.
Het gaat vervolgens knipperen overeenkomstig
het actieve programmanummer als het toestel
AAN staat.
Het toestel start op met
een melodie die aan-
geeft dat het toestel en
de batterij werken.
Safari SP in
gebruik en
programma
Het knipperpatroon geeft het programma aan:
P1: Eén keer knipperen, een pauze, één keer
knipperen, een pauze, enz.
P2: Twee keer knipperen, een pauze, twee
keer knipperen, een pauze, enz.
Het LED-lampje kan worden uitgeschakeld.
Geen signalen.
28 29
Visuele indicatie (LED-lampje) Geluidssignalen
Verandering
van
programma
Bij verandering van het programma knippert
het LED-lampje overeenkomstig het gekozen
programmanummer.
Bij verandering van
programma geeft het
toestel een aantal
toontjes dat overeen-
komt met het gekozen
programma.
Gewenst
VC-niveau
Het volumewiel is geprogrammeerd om onder
normale omstandigheden op een bepaald
niveau te werken. Wanneer dit niveau door
draaien is bereikt gaat het LED-lampje 5 keer
snel knipperen.
Het LED-lampje kan worden uitgeschakeld
Het volumewiel is
geprogrammeerd om
onder normale omstan-
digheden op een
bepaald niveau te
werken. Wanneer dit
niveau door draaien is
bereikt hoort u twee
korte piepen.
Visuele indicatie (LED-lampje) Geluidssignalen
Gebruik van
accessoires
met Safari
SP (FM, DAI,
Streamer,
AutoPhone)
Accessoire + microfoon:
Eén keer lang knipperen, één keer kort
knipperen.
Alleen accessoire:
Eén keer kort knipperen, één keer lang
knipperen.
Accessoire + microfoon:
Eén lage toon en één
hoge toon.
Alleen accessoire:
Eén hoge toon en één
lage toon.
Waarschu-
wing lege
batterij
Voortdurend snel knipperen Elke 15 minuten twee
toontjes.
30 31
Onderhoud
Uw gehoorgang produceert oorsmeer (cerumen) waardoor het geluidskanaal en de
ventilatie-opening van het hoortoestel verstopt kunnen raken. Volg de instructie op om
te voorkomen dat de hoortoestelprestaties door opgehoopt oorsmeer negatief worden
beïnvloed.
Houd het toestel bij het schoonmaken boven een zachte ondergrond, zodat het niet kan
beschadigen als u het laat vallen.
Voor het slapen gaan:
Verwijder eventueel oorsmeer uit de openingen van het oorstukje. Reinig het
oorstukje zoals op de volgende bladzijde wordt beschreven.
Open de batterijlade wanneer u het toestel niet gebruikt om binnenin verzameld
vocht te laten verdampen.
MultiTool
De meegeleverde MultiTool bevat een borsteltje voor het reinigen van het toestel.
BorstelHuls Handgreep
Magneet
Schroevendraaier
MultiTool
32 33
Dagelijks onderhoud
Gebruik het borsteltje om het oorsmeer rond het
geluidskanaal weg te vegen.
Maak de ventilatie-opening schoon door het borsteltje
licht draaiend door de opening te duwen.
Veeg het hoortoestel met het doekje schoon.
Vervang de borstel regelmatig. Haal de borstel uit de
handgreep en plaats een nieuwe borstel. Druk de nieuwe
borstel stevig in de handgreep.
Nieuwe borstels zijn verkrijgbaar bij uw audicien.
Schoonmaken van het oorstukje
Eern oorstukje moet regelmatig worden schoongemaakt:
Maak het oorstukje en slangetje los van de toonbocht
van het hoortoestel.
Maak het oorstukje schoon met een speciaal
schoonmaaksetje.
Spoel het af met water.
Droog de buitenkant met een doekje.
Blaas daarna eventuele waterdruppels uit het slangetje
en oorstukje. Hiervoor is een blaasbalgje verkrijgbaar bij
uw audicien.
34 35
Zorg dat het oorstukje en slangetje volkomen droog zijn voordat ze weer worden
vastgemaakt aan het hoortoestel. Controleer of u het linkeroorstukje en slangetje
vastgemaakt heeft aan het toestel met de links-markering (blauw) en het
rechteroorstukje en slangetje aan het toestel met de rechts-markering (rood).
Vervangen van het slangetje
Laat de audicien het slangetje tussen het oorstukje en hoortoestel vervangen als het
verkleurt of stug wordt.
BELANGRIJK
Het toestel zelf mag nooit in contact komen met water of andere vloeistoffen!
WAARSCHUWING
Gebruik alleen onderdelen die specifiek bestemd zijn voor uw hoortoestel.
Het schoonmaakgereedschap mag alleen gebruikt worden als de slang niet in het oor
zit en los is gemaakt van het toestel.
De slang mag nooit zonder oorstukje worden gebruikt.
Zorgvuldig onderhoud vergroot de betrouwbaarheid en zorgt voor een langere
levensduur van uw toestel. Maak de slang dus regelmatig schoon.
Laat uw hoortoestel of onderdelen daarvan nooit door anderen gebruiken.
Zorg dat uw handen schoon zijn wanneer u uw toestel of onderdelen daarvan
aanraakt.
36 37
Vermijd hitte en vocht
Leg het hoortoestel nooit in de buurt van open vuur, in een magnetron, of een in de zon
geparkeerde auto. Vermijd vocht. Doe het hoortoestel uit bij douchen, als het hard regent
en in vochtige ruimtes, zoals een stoombad of sauna.
Als het toestel toch aan vocht heeft blootgestaan kan dit een negatieve invloed hebben op
de prestaties. U kunt het, na de batterij verwijderd te hebben, in een droog-etui leggen
om het binnenin verzamelde vocht te laten verdampen. Raadpleeg hiervoor uw audicien.
Eventueel vocht op de batterij moet met een doekje worden afgeveegd.
Chemicaliën in cosmetica, zoals parfum, aftershave, insectenspray, haarlak, haargel, of
zonnebrandcrème kunnen het hoortoestel beschadigen. Doe het daarom even uit
voordat u dergelijke producten gebruikt. Zorg dat uw handen volledig droog zijn voordat
u het hoortoestel weer in zet.
Goede communicatiegewoonten
Gebruik bij de communicatie met uw kind altijd bepaalde basisregels die uw kind kunnen
helpen bij het beter en sneller ontwikkelen en begrijpen van spraak.
1. Kijk uw kind bij het spreken altijd aan, liefst binnen een afstand van 1-3 meter.
Zorg dat uw gezicht in beeld blijft en ga ergens staan of zitten waar voldoende licht is,
zodat uw gezichtsuitdrukkingen en mondbewegingen goed zichtbaar zijn.
2. Praat niet met volle mond. Dit maakt het moeilijk te verstaan wat u zegt en bijna
onmogelijk om spraak af te zien.
3. Leun niet met uw kin op uw hand en praat niet achter een opengevouwen krant;
dit bemoeilijkt zowel de overbrenging van het geluid, als het spraakafzien.
4. Houd de afstand tussen uzelf en uw kind bij praten zo klein mogelijk en houd bij spraak
altijd rekening met het ideale hoorbereik van uw kind.
5. Probeer achtergrondgeluiden zoveel mogelijk te voorkomen bij het praten met uw
kind, het is moeilijk om uw stem en het lawaai van elkaar te onderscheiden. Zet de
televisie uit en sluit de ramen bij eventueel verkeerslawaai. Ga dichterbij zitten, spreek
harder om uw stem boven het achtergrondlawaai uit te laten komen, of zoek een
rustiger plaats.
38 39
Zeven eenvoudige stappen om beter te gaan horen
Het kost tijd om aan uw nieuwe hoortoestel(len) te wennen. Hoe lang deze gewenning
duurt verschilt van persoon tot persoon en is afhankelijk van een aantal factoren, zoals
de mate van het gehoorverlies en of u al eerder een hoortoestel hebt gedragen.
1. Thuis, in een rustige omgeving
Probeer te wennen aan de nieuwe geluiden in uw eigen omgeving. Luister naar de
verschillende achtergrondgeluiden en probeer elk geluid te iden tificeren. Sommige
geluiden kunnen anders klinken dan u gewend was, zodat u ze opnieuw moet leren
herkennen. Op den duur zult u gewend raken aan de zachte geluiden in uw omgeving.
Raadpleeg uw audicien wanneer dit niet gebeurt.
Als u vermoeid raakt kunt u het toestel even uit doen en een poosje rusten. Geleidelijk
zult u leren het toestel langere perioden in te houden, zodat u er al snel
de hele dag baat bij hebt.
2. Een gesprek met één persoon
Ga met uw gesprekspartner in een rustige omgeving zitten. Kijk de spreker aan, zodat
u de gezichtsuitdrukkingen goed kunt zien. U kunt nieuwe spraak geluiden ervaren die in
het begin misschien wat vreemd zijn. Wanneer de hersenen eenmaal aan deze nieuwe
geluiden gewend zijn, zal het verstaan eenvoudiger worden.
3. Luisteren naar radio of televisie
Begin met luisteren naar het nieuws, de presentatoren spreken meestal duidelijk.
Ga daarna pas luisteren naar andere programma’s.
Wanneer u moeite heeft met het volgen van radio en televisie kan uw audicien u
informatie geven over Oticon ConnectLine en andere aanvullende hulpmiddelen.
4. Een gesprek met meerdere personen
In een gesprek met meerdere personen is vaak veel achtergrondlawaai aanwezig. Probeer
daarom uw volledige aandacht te richten op degene naar wie u wilt luisteren. Als u iets niet
heeft verstaan kunt u gerust om herhaling vragen. Tenslotte mist iedereen weleens een
woord.
40 41
5. Het gebruik van een luisterspoel in een kerk, theater of bioscoop
In een groot aantal kerken, theaters en openbare gebouwen is vaak een ringleiding
aanwezig. Dit systeem zendt een signaal uit dat u met de luisterspoel van uw hoortoestel
kunt ontvangen.
6. Het gebruik van de telefoon
Houd bij telefoneren de telefoonhoorn schuin tegen uw slaap,
zodat het geluid van de telefoon rechtstreeks in de microfoon-
opening terecht komt. Zo zal het toestel niet fluiten en bent
u er zeker van dat u het gesprek onder de beste omstandig-
heden kunt volgen. Wanneer u de telefoon op deze manier
vasthoudt, moet u rechtstreeks in de microfoon van de
telefoon spreken om te zorgen dat uw gesprekspartner aan
de andere kant van de lijn u óók goed kan verstaan. Wanneer
uw hoortoestel een luisterspoel heeft (en uw telefoon is
voorzien van een ingebouwde ringleiding), kunt u, om de
weergave nog verder te verbeteren, overschakelen naar het
luisterspoelprogramma.
Ringleidingsymbool
Onthoud dat de luisterspoel in hoortoestellen storingsgeluiden kan opvangen van
elektronische apparatuur zoals fax, computers, televisie, enz. Zorg ervoor dat uw
hoortoestel 2-3 meter afstand heeft wanneer u een luisterspoelprogramma gebruikt.
Wanneer u moeite heeft met telefoneren kan de audicien u informatie geven over Oticon
ConnectLine en andere aanvullende hulpmiddelen.
7. Draadloze en mobiele telefoons
Uw hoortoestel is ontwikkeld volgens de meest strikte eisen betreffende de Internatio-
nal Electromagnetic Compatibility. Niet alle mobiele telefoons zijn echter geschikt om
met een hoortoestel te bellen. Gebruik de microfoonpositie van uw hoortoestel, tenzij u
een speciale halslus (loopset) heeft voor uw mobiele telefoon. Hiermee kunt u met het
luisterspoelprogramma bellen. Voor een beter resultaat kunt u ook Streamer gebruiken.
Hiermee kunt u via Bluetooth draadloos telefoneren met een vaste en mobiele telefoon
en hoort u het geluid tegelijkertijd aan beide oren. Raadpleeg uw audicien voor meer
informatie.
42 43
Gebruik uw hoortoestel de hele dag
De beste manier om beter te gaan horen is te oefenen totdat u uw toestel(len) de hele dag
comfortabel kunt dragen, omdat onregelmatig gebruik van een hoortoestel meestal niet
het volledige profijt oplevert. Een hoortoestel kan uw gehoor niet herstellen, noch een
gehoorverlies voorkomen of verbeteren. Het kan u echter wel helpen beter gebruik te
maken van de hoormogelijkheden die u heeft.
Gebruik altijd beide toestellen wanneer u er twee heeft. Kunnen horen met twee oren is
net zo belangrijk als kunnen zien met twee ogen.
De belangrijkste voordelen van het gebruik van twee toestellen:
Beter kunnen horen waar geluiden vandaan komen.
Beter kunnen verstaan in lawaaiige omstandig heden.
Een ‘voller’ en aangenamer geluidsbeeld.
44 45
Raadpleeg uw audicien als de bovenstaande oplossingen niet afdoende werken.
Oplossingen bij kleine problemen
Klacht Mogelijke oorzaak Oplossingen
Geen geluid
Lege batterij Vervang de batterij pg. 7
Oorsmeer in het geluidskanaal Maak het oorstukje schoon pg. 32 & 34
Onderbroken
of verminderd
geluid
Oorsmeer in het geluidskanaal Maak het oorstukje schoon pg. 32 & 34
Vocht op de batterij Droog de batterij en het toestel met een zachte doek pg. 36
Lege batterij Vervang de batterij pg. 7
Het dempingsfilter in de toonbocht is verstopt Raadpleeg uw audicien
Snerpend geluid
Toestel zit niet goed in het oor Zet het toestel opnieuw in het oor pg. 12
Oorsmeer in de gehoorgang Laat de gehoorgang onderzoeken door uw (KNO-)arts
Geen geluid en LED-lampje
brandt voortdurend of is uit
Lege batterij Vervang de batterij pg. 7
46 47
Internationale garantie
Uw hoortoestel heeft een beperkte fabrieksgarantie van 12 maanden (gerekend vanaf
de aankoopdatum). Deze beperkte garantie dekt fabricagefouten en materiaaldefecten
van het hoortoestel zelf, maar niet van accessoires zoals batterijen, slangetjes,
oorsmeerfilters, enz.
De garantie geldt niet voor schade, defecten, of uitval, ontstaan door een ongeluk, onjuist
gebruik of misbruik, onzorgvuldigheid, reparaties door ongeautoriseerden, blootstelling
aan corrosie veroorzakende omstandigheden, fysieke veranderingen aan het oor, schade
veroorzaakt door vreemde voorwerpen of zaken in het toestel, of onjuiste instelling door
de aanpasser.
De bovenstaande garantie heeft geen invloed op uw eventuele rechten volgens de van
toepassing zijnde nationale wetgeving betreffende verkoop van consumentengoederen.
Uw audicien kan een uitgebreider garantie dan deze beperkte garantie hebben gegeven.
Raadpleeg voor meer informatie uw audicien.
Bij problemen met uw hoortoestel
Bij problemen kunt u het beste naar de audicien gaan. Kleine reparaties of aanpassingen
kunnen daar vaak ter plaatse worden verricht.
48 49
Garantiecertificaat
Naam:
Audicien:
Adres audicien:
Telefoon audicien:
Aankoopdatum:
Garantieperiode: Maand:
Links: Serienr.:
Rechts: Serienr.:
Batterijtype: 13
Productgoedkeuring, voorzorgsmaatregelen
en markeringen
Het hoortoestel bevat een radiozender die gebruik maakt van kort bereik magnetische
inductietechnologie op 3.84 MHz. De magnetische veldsterkte van de zender is
< -42 dBμA/m @ 10m.
Het zendvermogen van het radiosysteem ligt ruim onder de nationale emissiegrenzen
waaraan mensen mogen worden blootgesteld. Ter vergelijking: de straling van het
hoortoestel is lager dan de elektromagnetische straling van bijvoorbeeld halogeenlampen,
computerschermen, afwasmachines enz. Het hoortoestel voldoet aan de internationale
normering betreffende Electromagnetic Compability.
In verband met de beperkte ruimte op het toestel zijn alle relevante goedkeuringen
opgenomen in dit document.
50 51
Mobiele telefoon
Sommige slechthorenden hebben gemeld dat ze bij gebruik van hun mobiele telefoon een
brommend geluid in hun hoortoestellen hoorden, hetgeen erop kan wijzen dat de mobiele
telefoon en hoortoestellen niet compatibel zijn. Volgens de ANSI C63.19 normering (ANSI
C63.19-2006 Amerikaanse nationale standaardmethode van metingen betreffende
compatibilteit tussen draadloze communicatie-apparatuur en hoortoestellen) kan de
compatibiliteit tussen een bepaald hoortoestel en mobiele telefoon worden voorspeld
door de kwalificatie van de hoortoestelimmuniteit op te tellen bij de kwalificatie van de
emissies van de mobiele telefoon. Zo is bijvoorbeeld de gecombineerde kwalificatie van
een hoortoestel met een kwalificatie van 2 (M2/T2) en een telefoon met een kwalificatie
van 3 (M3/T3) in totaal 5. Elke gecombineerde kwalificatie van tenminste 5 biedt
‘normaal gebruik’; een gecombineerde kwalificatie van 6 of meer levert ‘uitstekende
prestatie’.
De immuniteit van dit hoortoestel is M4/T4.
BELANGRIJK
De prestaties van individuele hoortoestellen kunnen per mobiele telefoon variëren.
Probeer dit hoortoestel daarom uit met de mobiele telefoon die u momentteel
gebruikt en doe hetzelfde bij aankoop van een nieuwe mobiele telefoon. Vraag voor
meer informatie de leverancier van uw mobiele telefoon om het boekje ‘Hearing
instrument Compatibility with Digital Wireless Cell Phones.
52
Het hoortoestel bevat een module met:
FCC ID: U28FUSPR01
IC: 1350B-FUSPR01
Het toestel voldoet aan Deel 15 van de FCC regels en RSS-210 van de Canadese
Industrie.
De werking moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
1. het toestel veroorzaakt geen storing bij andere apparatuur.
2. het toestel is niet gevoelig voor storing van andere apparatuur.
Veranderingen of modificaties die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd kunnen
het recht doen vervallen om deze apparatuur te gebruiken.
106450NL / 09.10
Waarschuwingen
Lees de volgende algemene waarschuwingen zorgvuldig door voordat u uw
hoortoestel(len) gaat gebruiken.
Hoortoestellen en batterijen kunnen bij onjuist gebruik of inslikken gevaarlijk zijn.
Dergelijke acties kunnen ernstig letsel en blijvend gehoorverlies veroorzaken, of zelfs
fataal zijn.
Hoortoestellen, onderdelen daarvan en batterijen zijn geen speelgoed en dienen buiten
bereik te blijven van ieder die ze zou kunnen inslikken of zich op andere wijze schade
zou kunnen toebrengen.
Vervang batterijen niet in het bijzijn van kinderen of mensen met een verstandelijke
beperking.
Bewaar batterijen buiten bereik van kinderen of mensen met een verstandelijke
beperking.
Controleer uw medicijnen voor u ze inneemt. Het is vaker voorgekomen dat batterijen
werden aangezien voor pillen.
Stop uw hoortoestellen of batterijen nooit in uw mond, ze zijn glad en kunnen per
ongeluk worden ingeslikt.
De meeste hoortoestellen kunnen worden geleverd met een kindveilige batterijlade.
Dit is sterk aan te bevelen bij jonge kinderen en mensen met een verstandelijke
beperking.
Waarschuw onmiddellijk een arts bij inslikken van een hoortoestel of batterij.
Gebruik van een hoortoestel
Hoortoestellen mogen alleen gebruikt worden zoals voorgeschreven en geadviseerd
door de aanpasser. Onoordeelkundig gebruik kan plotseling en blijvend gehoorverlies
veroorzaken.
Sta nooit toe dat anderen uw toestel dragen. Verkeerd gebruik kan blijvend gehoor-
verlies veroorzaken.
Batterijgebruik
Gebruik goede batterijen. Batterijen van slechte kwaliteit kunnen lekken en lichamelijk
letsel veroorzaken.
Probeer niet-oplaadbare batterijen nooit op te laden. Ze kunnen ontploffen en ernstig
letsel veroorzaken.
Probeer batterijen nooit te verbranden. Ze kunnen ontploffen en ernstig letsel
veroorzaken.
Hoortoestelstoring
Het geluid van een hoortoestel kan, bijvoorbeeld wanneer de batterij leeg is, plotse-
ling wegvallen. Houd daar rekening mee wanneer u deelneemt aan het verkeer, of u in
een situatie bevindt waar waarschuwingssignalen belangrijk zijn.
Storing
Uw hoortoestel is op storing getest volgens de meest strenge internationale eisen.
Door de steeds voortschrijdende technische ontwikkelingen worden echter voortdurend
nieuwe producten geïntroduceerd, waardoor onvoorziene storing in hoortoestellen
kan optreden. Voorbeelden hiervan zijn magnetrons, alarmsystemen in winkels,
mobiele telefoons, faxapparatuur, PC’s, röntgenstraling, CT-scans, enz.
Hoewel uw hoortoestel voldoet aan de strengste eisen van de International Electro-
magnetic Compatibility kan het storing veroorzaken bij andere medische apparatuur.
Een dergelijke storing kan eveneens worden veroorzaakt door radiosignalen, stroom-
storingen, metaaldetectoren op vliegvelden, elektromagnetische velden van andere
medische apparatuur en elektrostatische ontladingen.
Mogelijke bijwerkingen
Bij gebruik van een hoortoestel kan vermeerdering van oorsmeerproductie optreden.
De anti-allergene materialen kunnen in zeldzame gevallen huidirritatie veroorzaken.
Ga naar uw (KNO-)arts bij een van deze bijwerkingen.
Veiligheidseisen Direct Audio Input (DAI)
De veiligheid van hoortoestellen met DAI (Direct Audio Input) wordt bepaald door
de externe geluidsbron. Bij koppeling van de op het elektriciteitsnet werkende
apparatuur moet deze apparatuur voldoen aan IEC-60065, IEC-60601 of vergelijkbare
veiligheidsnormen.
Waarschuwing voor audicien en gebruiker
Bij de keuze en aanpassing van een hoortoestel waarvan de maximum output de
132 dB SPL (IEC 711) overschrijdt, dient speciale aandacht te worden besteed aan een
mogelijk risico op beschadiging van het restgehoor van de hoortoestelgebruiker.
Het doosje waarin het hoortoestel kan worden opgeborgen heeft een ingebouwde
magneet. Draag dit doosje niet in uw borstzak of de buurt van uw borst als u geïmplan-
teerde apparatuur zoals een pacemaker of defibrillator gebruikt.
106450NL / 09.10
Hierbij verklaren we dat dit hoortoestel voldoet aan de essentiële eisen en bepalingen
van de Directive 1999/5/EC. Een conformiteitsverklaring is verkrijgbaar bij:
Oticon A/S
Kongebakken 9
DK-2765 Smørum
Denmark
www.oticon.com
Gooi, in verband met
milieuvervuiling, uw lege
batterijen niet bij het
huishoudelijk afval.
N1175
0543 0682
106450NL / 09.10
Om slechthorende kinderen hun gehoor optimaal te laten
gebruiken is een specifieke benadering nodig. Daarom
leveren we alle oplossingen en ondersteuning die
professionals en ouders/verzorgers nodig hebben om
kinderen in staat te stellen hun mogelijkheden volledig te
benutten. Dat is waar het om gaat bij kindvriendelijke zorg.
2


Need help? Post your question in this forum.

Forumrules


Report abuse

Libble takes abuse of its services very seriously. We're committed to dealing with such abuse according to the laws in your country of residence. When you submit a report, we'll investigate it and take the appropriate action. We'll get back to you only if we require additional details or have more information to share.

Product:

For example, Anti-Semitic content, racist content, or material that could result in a violent physical act.

For example, a credit card number, a personal identification number, or an unlisted home address. Note that email addresses and full names are not considered private information.

Forumrules

To achieve meaningful questions, we apply the following rules:

Register

Register getting emails for Oticon Safari AHO SP at:


You will receive an email to register for one or both of the options.


Get your user manual by e-mail

Enter your email address to receive the manual of Oticon Safari AHO SP in the language / languages: Dutch as an attachment in your email.

The manual is 2,12 mb in size.

 

You will receive the manual in your email within minutes. If you have not received an email, then probably have entered the wrong email address or your mailbox is too full. In addition, it may be that your ISP may have a maximum size for emails to receive.

The manual is sent by email. Check your email

If you have not received an email with the manual within fifteen minutes, it may be that you have a entered a wrong email address or that your ISP has set a maximum size to receive email that is smaller than the size of the manual.

The email address you have provided is not correct.

Please check the email address and correct it.

Your question is posted on this page

Would you like to receive an email when new answers and questions are posted? Please enter your email address.



Info