779668
62
Zoom out
Zoom in
Previous page
1/74
Next page
P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2
Gebruikershandleiding
Lees dit eerst
Lees het volgende aandachtig door voordat u deze documentatie en het bijbehorende product gebruikt:
Veiligheid en garantie
Installatiegids
Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving
Eerste uitgave (juli 2021)
© Copyright Lenovo 2021.
KENNISGEVING BEGRENSDE EN BEPERKTE RECHTEN: als gegevens of software word(t)(en) geleverd conform een
'GSA'-contract (General Services Administration), zijn gebruik, vermenigvuldiging en openbaarmaking onderhevig aan
beperkingen zoals beschreven in Contractnr. GS-35F-05925.
Inhoud
Uw Lenovo-notebook ontdekken . . . . iii
Hoofdstuk 1. Leer uw computer
kennen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1
Voorkant . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1
Zijkant . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Achterkant . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
Onderkant . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Voorzieningen en specificaties . . . . . . . . . . 8
USB-specificaties . . . . . . . . . . . . . 8
Hoofdstuk 2. Aan de slag met uw
computer . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Toegang tot netwerken . . . . . . . . . . . . 11
Verbinding maken met Wi-Fi-netwerken . . . 11
Verbinding maken met een bekabeld
Ethernet . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Verbinding maken met een mobiel netwerk
(voor bepaalde modellen) . . . . . . . . . 11
De vliegtuigstand inschakelen . . . . . . . 12
Communiceren met uw computer. . . . . . . . 12
De sneltoetsen gebruiken . . . . . . . . . 12
Het TrackPoint-aanwijsapparaat gebruiken . . 13
De trackpad gebruiken . . . . . . . . . . 15
Het aanraakscherm gebruiken (voor bepaalde
modellen van P15 Gen 2/T15g Gen 2) . . . . 17
Een extern beeldscherm aansluiten . . . . . 18
Lenovo Pen Pro . . . . . . . . . . . . . . 20
Hoofdstuk 3. Uw computer
verkennen . . . . . . . . . . . . . . . 23
Lenovo-apps . . . . . . . . . . . . . . . . 23
Beeldschermkleuren kalibreren (voor bepaalde
modellen) . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
Intelligent koelen . . . . . . . . . . . . . . 24
De functie Koel en stil op schoot gebruiken . . . . 25
Energie beheren . . . . . . . . . . . . . . 25
De status van de batterij controleren . . . . . 25
De computer opladen. . . . . . . . . . . 25
De energie-instellingen wijzigen . . . . . . . 26
Gegevens overbrengen . . . . . . . . . . . . 26
Een Bluetooth-verbinding instellen . . . . . 26
Een SD-kaart of smartcard gebruiken (op
bepaalde modellen) . . . . . . . . . . . 27
Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . 27
Accessoires aanschaffen . . . . . . . . . 28
Hoofdstuk 4. De computer en
computergegevens beveiligen. . . . . 29
De computer vergrendelen . . . . . . . . . . 29
Aanmelden met uw vingerafdruk . . . . . . . . 29
Aanmelden met uw gezichts-ID (voor bepaalde
modellen) . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Gegevens beschermen tegen stroomuitval (voor
bepaalde modellen) . . . . . . . . . . . . . 30
UEFI BIOS-wachtwoorden . . . . . . . . . . 30
Wachtwoordtypen . . . . . . . . . . . . 30
Een wachtwoord instellen, wijzigen of
verwijderen. . . . . . . . . . . . . . . 31
Uw vingerafdrukken aan wachtwoorden
koppelen (voor bepaalde modellen) . . . . . 33
Hoofdstuk 5. Geavanceerde
instellingen configureren . . . . . . . 35
UEFI BIOS . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Het UEFI BIOS-menu openen . . . . . . . 35
Navigeren in de UEFI BIOS-interface . . . . . 35
De systeemdatum en -tijd instellen . . . . . 35
De opstartvolgorde wijzigen . . . . . . . . 35
UEFI BIOS bijwerken . . . . . . . . . . . 36
RAID . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36
Vereisten voor opslagstations voor RAID-
niveaus . . . . . . . . . . . . . . . . 36
Het configuratiehulpprogramma Intel RST
openen . . . . . . . . . . . . . . . . 37
RAID-volumes maken. . . . . . . . . . . 37
RAID-volumes verwijderen. . . . . . . . . 38
Opslagstations opnieuw instellen op niet-
RAID . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
RAID 1-volumes herstellen. . . . . . . . . 38
Een Windows-besturingssysteem en
stuurprogramma's installeren . . . . . . . . . 39
Hoofdstuk 6. CRU vervangen . . . . . 41
CRU-lijst . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Snel opstarten en de geïntegreerde batterij
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Een CRU vervangen . . . . . . . . . . . . . 42
Onderklep . . . . . . . . . . . . . . . 42
Toetsenbord . . . . . . . . . . . . . . 43
Servicebeugel. . . . . . . . . . . . . . 47
M.2 SSD-station. . . . . . . . . . . . . 48
Geheugenmodule . . . . . . . . . . . . 51
Hoofdstuk 7. Help en
ondersteuning . . . . . . . . . . . . . 55
© Copyright Lenovo 2021 i
Veelgestelde vragen . . . . . . . . . . . . . 55
Foutberichten . . . . . . . . . . . . . . . 56
Fouten waarbij er een geluidssignaal klinkt . . . . 57
Zelfhulpbronnen . . . . . . . . . . . . . . 58
Windows-label . . . . . . . . . . . . . . . 59
Lenovo bellen . . . . . . . . . . . . . . . 59
Voordat u contact opneemt met Lenovo . . . 59
Klantsupportcentrum van Lenovo . . . . . . 60
Aanvullende services aanschaffen . . . . . . . 61
Bijlage A. Informatie over naleving . . 63
Bijlage B. Kennisgevingen en
handelsmerken . . . . . . . . . . . . 67
ii P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Uw Lenovo-notebook ontdekken
Hartelijk dank dat u hebt gekozen voor een Lenovo®-notebook. We streven ernaar u de beste
oplossing te bieden.
Lees de volgende informatie door voordat u begint met de rondleiding:
De afbeeldingen in dit document kunnen er anders uitzien dan uw product.
Afhankelijk van het model zijn bepaalde optionele accessoires, voorzieningen, softwareprogramma's en
instructies voor de gebruikersinterface mogelijk niet van toepassing op uw computer.
De inhoud van de documentatie kan zonder kennisgeving worden gewijzigd. Verkrijg de nieuwste
documentatie op https://pcsupport.lenovo.com.
© Copyright Lenovo 2021 iii
iv P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 1. Leer uw computer kennen
Voorkant
P15 Gen 2 en T15g Gen 2
Infraroodcamera * / Camera * Privacyschuif voor webcam *
Microfoon * Aanraakscherm *
Aan/uit-knop TrackPoint®-aanwijsknopje
Vingerafdruklezer Trackpad
TrackPoint-knoppen Luidspreker
© Copyright Lenovo 2021 1
Privacyschuif voor webcam
Verschuif het privacyschuifje van de webcam om de cameralens te openen of te sluiten. Deze voorziening is
bedoeld om uw privacy te beschermen.
Verwante onderwerpen
'Aanmelden met uw gezichts-ID (voor bepaalde modellen)' op pagina 30
'Het aanraakscherm gebruiken (voor bepaalde modellen van P15 Gen 2/T15g Gen 2)' op pagina 17
'Aanmelden met uw vingerafdruk' op pagina 29
'Het TrackPoint-aanwijsapparaat gebruiken' op pagina 13
'De trackpad gebruiken' op pagina 15
2P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
P17 Gen 2
Infraroodcamera * / Camera * Privacyschuif voor webcam *
Microfoon * Aan/uit-knop
TrackPoint®-aanwijsknopje Vingerafdruklezer
Trackpad TrackPoint-knoppen
Luidspreker
* voor bepaalde modellen
Hoofdstuk 1.Leer uw computer kennen 3
Privacyschuif voor webcam
Verschuif het privacyschuifje van de webcam om de cameralens te openen of te sluiten. Deze voorziening is
bedoeld om uw privacy te beschermen.
Verwante onderwerpen
'Aanmelden met uw gezichts-ID (voor bepaalde modellen)' op pagina 30
'Aanmelden met uw vingerafdruk' op pagina 29
'Het TrackPoint-aanwijsapparaat gebruiken' op pagina 13
'De trackpad gebruiken' op pagina 15
4P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Zijkant
HDMI-aansluiting Always On USB 3.2 Gen 1-aansluiting
Nano-SIM-kaartlade Audioaansluiting
Sleuf voor smartcard* SD-kaartlezer
USB 3.2 Gen 1-aansluiting Sleuf voor veiligheidsslot
HDMI-aansluiting
De HDMI-aansluiting op uw computer ondersteunt automatisch de HDMI 2.1-standaard. Als u een extern
beeldscherm via de HDMI-aansluiting op uw computer aansluit met een niet-gecertificeerde HDMI-kabel
werkt het externe beeldscherm mogelijk niet. Gebruik in dit geval een gecertificeerde HDMI 2.1-kabel.
Verwante onderwerpen
'De computer opladen' op pagina 25
'USB-specificaties' op pagina 8
'Een SD-kaart of smartcard gebruiken (op bepaalde modellen)' op pagina 27
'De computer vergrendelen' op pagina 29
Hoofdstuk 1.Leer uw computer kennen 5
Achterkant
Ethernet-aansluiting Voedingsaansluiting
USB-C-aansluitingen (Thunderbolt 4) USB-C-aansluiting (3.2 Gen 2)
6P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Onderkant
Noodresetgaatje
Als de computer niet meer reageert en u deze niet kunt uitschakelen met de aan/uit-knop, reset u de
computer:
1. Koppel de computer los van de netvoeding.
2. Steek het uiteinde van een uitgebogen paperclip in het gaatje om de stroomvoorziening tijdelijk uit te
schakelen.
3. Sluit de computer aan op de netvoeding en zet vervolgens de computer aan.
Hoofdstuk 1.Leer uw computer kennen 7
Voorzieningen en specificaties
Voor gedetailleerde specificaties van uw computer gaat u naar https://psref.lenovo.com en zoekt u op
product.
Geheugen
Vier sleuven
DDR4 SODIMM (Double Data Rate 4 Small Outline Dual Inline Memory
Module), in totaal tot 128 GB
Opslagapparaat Drie sleuven, 2280 M.2 SSD-station, tot 2 TB voor elke sleuf
Beeldscherm
P15 Gen 2 en T15g Gen 2:
OLED-beeldscherm (Organic Light-Emitting Diode) of kleurenscherm met
IPS (In-Plane Switching)
Beeldschermverhouding: 16:9
Schermresolutie: 1920 x 1080 pixels of 3840 x 2160 pixels
Multitouch-technologie (voor bepaalde modellen)
P17 Gen 2:
Kleurenscherm met IPS
Beeldschermverhouding: 16:9
Schermresolutie: 1920 x 1080 pixels of 3840 x 2160 pixels
Opmerkingen: Bij niet-OLED-beeldschermen met de functie High-Dynamic
Range (HDR) werkt deze functie alleen in de modus Hybrid Graphics. U kunt als
volgt de beeldscherminstelling wisselen tussen de modus Hybrid Graphics en de
modus Discrete Graphics:
1. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt
weergegeven, drukt u op de toets F1 om het UEFI BIOS-menu te openen.
2. Selecteer Config Display Graphic Devices en volg de instructies op
het scherm.
Beveiligingsvoorzieningen
Gezichtsverificatie *
Vingerafdruklezer
Trusted Platform Module (TPM) *
Draadloze voorzieningen
Bluetooth
GPS (alleen beschikbaar op modellen met draadloze WAN-kaart) *
Draadloos LAN
Draadloos WAN (4G of 5G)*
Opmerking: De mobiele 4G- of 5G-service wordt in sommige landen of regio's
aangeboden door geautoriseerde serviceproviders. U moet een mobiel
abonnement van een serviceprovider hebben om verbinding met het mobiele
netwerk te kunnen maken. Het mobiele dataplan kan per locatie verschillen.
* voor bepaalde modellen
USB-specificaties
Opmerking: Afhankelijk van uw model zijn sommige USB-aansluitingen mogelijk niet beschikbaar op uw
computer.
8P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Naam van aansluiting Beschrijving
USB 2.0-aansluiting
USB 3.2-aansluiting Gen 1
USB 3.2-aansluiting Gen 2
Sluit USB-compatibele apparaten aan, zoals een USB-toetsenbord,
USB-muis, USB-opslagapparaat of USB-printer.
USB-C-aansluiting (3.2 Gen 1)
USB-C-aansluiting (3.2 Gen 2)
USB-C-aansluiting (Thunderbolt 3)
USB-C-aansluiting (Thunderbolt 4)
USB-C-apparaten opladen met de uitvoerspanning en stroom van
5 V en 1,5 A.
Een extern beeldscherm aansluiten:
USB-C naar VGA: maximaal 1920 x 1200 pixels, 60 Hz
USB-C naar DP: maximaal 5120 x 3200 pixels, 60 Hz
USB-C-accessoires aansluiten om de functionaliteit van uw
computer uit te breiden. Als u USB-C-accessoires wilt kopen, gaat
u naar https://www.lenovo.com/accessories.
Verklaring op USB overdrachtssnelheid
Afhankelijk van vele factoren, zoals de verwerkingscapaciteit van de host en randapparaten,
bestandseigenschappen en andere factoren die betrekking hebben op de systeemconfiguratie en
gebruiksomgevingen, kan de feitelijke overdrachtssnelheid met behulp van de verschillende USB-
aansluitingen op dit apparaat variëren en langzamer zijn dan de opgegeven gegevenssnelheid voor elk
onderstaand overeenkomstig apparaat.
USB-apparaat Gegevenssnelheid (Gbit/s)
3.2 Gen 1 / 3.1 Gen 1 5
3.2 Gen 2 / 3.1 Gen 2 10
3.2 Gen 2 × 2 20
Thunderbolt 3 40
Thunderbolt 4 40
Hoofdstuk 1.Leer uw computer kennen 9
10 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 2. Aan de slag met uw computer
Toegang tot netwerken
In dit gedeelte vindt u hulp om een verbinding tot stand te brengen met een draadloos of bekabeld netwerk.
Verbinding maken met Wi-Fi-netwerken
Klik op het netwerkpictogram in het Windows®-systeemvak en selecteer een netwerk om verbinding te
maken. Verstrek, indien nodig, de vereiste informatie.
Verbinding maken met een bekabeld Ethernet
Maak met een Ethernet-kabel een verbinding tussen uw computer en een lokaal netwerk via de Ethernet-
aansluiting op uw computer.
Verbinding maken met een mobiel netwerk (voor bepaalde modellen)
Als uw computer is uitgerust met een draadloos-WAN-kaart (wide area network) en een nano-SIM-kaart,
kunt u overal verbinding maken met een mobiel datanetwerk en online gaan.
Opmerking: De mobiele service wordt in sommige landen of regio's aangeboden door geautoriseerde
serviceproviders. U moet een mobiel abonnement van een serviceprovider hebben om verbinding met het
mobiele netwerk te kunnen maken.
Een mobiele verbinding tot stand brengen:
1. Zet de computer uit.
© Copyright Lenovo 2021 11
2. Zoek de nano-SIM-kaartsleuf en plaats de nano-SIM-kaart zoals weergegeven. Let op de juiste richting
van de kaart en zorg ervoor dat de kaart goed wordt geplaatst.
3. Zet de computer aan.
4. Klik op het netwerkpictogram en selecteer vervolgens het pictogram van het mobiele netwerk in de
lijst. Verstrek, indien nodig, de vereiste informatie.
De vliegtuigstand inschakelen
Als de vliegtuigstand is ingeschakeld, zijn alle functies voor draadloze communicatie uitgeschakeld.
1. Klik op het pictogram van het Actiecentrum in het systeemvak van Windows.
2. Klik op Vliegtuigstand om de Vliegtuigstand in of uit te schakelen.
Communiceren met uw computer
Uw computer biedt verschillende manieren om op het beeldscherm te navigeren.
De sneltoetsen gebruiken
Met de speciale toetsen op het toetsenbord kunt u effectiever werken.
https://support.lenovo.com/us/en/videos/vid500145
+
Activeer de speciale functie die als pictogram op elke toets is afgebeeld, of
activeer de standaardfunctie van de functietoetsen F1-F12.
FnLock-lampje aan: standaardfunctie
FnLock-indicator uit: speciale functie
Luidsprekers in-/uitschakelen
Volume verlagen
Volume verhogen
Microfoon in-/uitschakelen
Beeldscherm donkerder maken
Beeldscherm lichter maken
12 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Externe beeldschermen beheren
Draadloos in-/uitschakelen
Meldingscentrum openen/samenvouwen
Binnenkomende oproepen beantwoorden in Microsoft Teams
Binnenkomende oproepen afwijzen in Microsoft Teams
De app Vantage openen. U kunt de functie van deze toets aanpassen in de app
Vantage.
+
Rekenmachine openen
+
Slaapstand inschakelen
+
Knipprogramma openen
+
Achtergrondverlichting van toetsenbord in-/uitschakelen (voor bepaalde modellen)
+
Onderbrekingsbewerking
+
Pauzebewerking
+
Door de inhoud bladeren
+
Systeemaanvraag verzenden
+
Slaapstand inschakelen
Druk op de Fn of de aan/uit-knop om de computer uit de slaapstand te halen.
+
Ga naar begin
+
Ga naar einde
Het TrackPoint-aanwijsapparaat gebruiken
Met het TrackPoint-aanwijsapparaat kunt u alle functies van een traditionele muis uitvoeren, zoals het
aanwijzen, klikken en bladeren.
Hoofdstuk 2.Aan de slag met uw computer 13
Het TrackPoint-aanwijsapparaat gebruiken
TrackPoint-aanwijsknopje
Gebruik uw vinger om parallel aan het toetsenbord druk uit te oefenen op het antislipdopje van het
aanwijsknopje. De aanwijzer op het scherm wordt dienovereenkomstig verplaatst. Hoe meer druk u uitoefent,
hoe sneller de aanwijzer beweegt.
TrackPoint-knoppen
De linker- en rechterklikknop corresponderen met de linker- en rechterknoppen van een traditionele muis.
Houd de gestippelde middelste knop ingedrukt terwijl u met uw vinger in de verticale of horizontale richting
druk uitoefent op het aanwijsknopje. Vervolgens kunt u door het document, de website of apps bladeren.
Het TrackPoint-aanwijsapparaat uitschakelen
Het TrackPoint-aanwijsapparaat is standaard ingeschakeld. Het apparaat uitschakelen:
1. Open het menu Start en klik dan op Instellingen Apparaten Muis.
2. Volg de aanwijzingen op het scherm om TrackPoint uit te schakelen.
Het dopje van het aanwijsknopje vervangen
Opmerking: Zorg ervoor dat het nieuwe dopje groeven heeft a.
14 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
De trackpad gebruiken
U kunt de trackpad gebruiken om alle aanwijs-, klik- en bladerfuncties van een traditionele muis uit te voeren.
De trackpad gebruiken
Linkerklikgebied Rechterklikgebied
Hoofdstuk 2.Aan de slag met uw computer 15
De aanraakbewegingen gebruiken
Tik één keer om een item te selecteren of te openen. Tik twee keer snel om een snelmenu weer te geven.
Zoom in of uit met twee vingers. Blader door items.
Open de taakweergave om alle geopende vensters te
bekijken.
Geef het bureaublad weer.
Opmerkingen:
Als u twee of meer vingers gebruikt, moet u ervoor zorgen dat uw vingers enigszins uit elkaar staan.
Sommige gebaren zijn niet beschikbaar als de laatste actie met het TrackPoint-aanwijsapparaat is
uitgevoerd.
Sommige gebaren zijn alleen beschikbaar als u bepaalde toepassingen gebruikt.
Als er olie op het oppervlak van de trackpad zit, zet dan eerst de computer uit. Veeg daarna het oppervlak
van de trackpad schoon met een zachte, pluisvrije doek die vochtig is gemaakt met lauw water of
reinigingsmiddel voor computers.
Raadpleeg voor meer bewegingen de Help-informatie van het aanwijsapparaat.
De trackpad uitschakelen
Standaard is de trackpad ingeschakeld. Het apparaat uitschakelen:
1. Open het menu Start en klik Instellingen Apparaten Touchpad.
2. In de sectie Touchpad de Touchpad uitschakelen.
16 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Het aanraakscherm gebruiken (voor bepaalde modellen van P15 Gen 2/
T15g Gen 2)
Als het beeldscherm van uw computer de multitouch-functie ondersteunt, kunt u met eenvoudige
aanraakbewegingen op het scherm navigeren.
Opmerking: Sommige gebaren zijn mogelijk niet beschikbaar als u bepaalde toepassingen gebruikt.
Tik één keer om één keer te klikken Tik twee keer snel om te dubbelklikken
Tik en houd vast om met de rechtermuisknop te klikken
Schuif om door voorwerpen te bladeren
Uitzoomen Inzoomen
Hoofdstuk 2.Aan de slag met uw computer 17
Veeg vanaf links: alle geopende vensters weergeven
Veeg vanaf rechts: het actiecentrum openen
Kort met uw vinger omlaag vegen: de titelbalk weergeven
Omlaag vegen: de huidige app sluiten
Slepen
Onderhoudstips:
Zet de computer uit voordat u het aanraakscherm schoonmaakt.
Verwijder met een droge, zachte en pluisvrije doek of met een stuk absorberend katoen vingerafdrukken
of stof van het aanraakscherm. Gebruik geen oplosmiddelen.
Het aanraakscherm is gemaakt van glas met daaroverheen een plastic folie. Oefen nooit druk uit op of
plaats geen metalen voorwerp op het scherm omdat het multitouch-scherm beschadigd of defect kan
raken.
Voer geen handelingen op het scherm uit met nagels of vingers in handschoenen of dode voorwerpen.
Kalibreer de nauwkeurigheid van de vinger regelmatig om discrepanties te voorkomen.
Een extern beeldscherm aansluiten
Sluit uw computer aan op een projector of een beeldscherm om presentaties te geven of om uw werkruimte
uit te breiden.
Aansluiten op een bekabeld beeldscherm
Als uw computer het externe beeldscherm niet kan detecteren, klikt u met de rechtermuisknop op een leeg
gedeelte op het bureaublad en klikt u vervolgens op beeldscherminstellingen. Volg daarna de aanwijzingen
op het scherm om het externe scherm te detecteren.
18 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Ondersteunde resolutie
In de volgende tabel staat de ondersteunde maximale resolutie van het externe beeldscherm. Ga voor meer
informatie naar https://psref.lenovo.com en zoek op product.
Opmerking: Verversingsfrequentie boven 60 Hz wordt eveneens ondersteund. Als u de
verversingsfrequentie instelt op een hogere waarde dan 60 Hz, is de maximale resolutie mogelijk beperkt.
Het externe beeldscherm aansluiten op Ondersteunde resolutie
HDMI-aansluiting Maximaal 8K/60 Hz
USB-C-aansluiting (3.2 Gen 2) Maximaal 5K/60 Hz
USB-C-aansluiting (Thunderbolt 4) Maximaal 5K/60 Hz
Verbinding maken met een draadloos beeldscherm
Als u een draadloos beeldscherm wilt gebruiken, zorg dan dat uw computer en het externe beeldscherm de
functie Miracast® ondersteunen.
Druk op de + en selecteer vervolgens een draadloos beeldscherm om verbinding mee te maken.
De weergavemodus van het beeldscherm instellen
Druk op of op en selecteer vervolgens de gewenste weergavemodus.
Beeldscherminstellingen wijzigen
1. Klik met de rechtermuisknop op een leeg gebied op het bureaublad en selecteer
beeldscherminstellingen.
2. Selecteer het beeldscherm dat u naar uw eigen voorkeur wilt configureren en wijzigen.
U kunt de instellingen voor zowel het computerscherm als het externe beeldscherm wijzigen. U kunt
bijvoorbeeld bepalen welk scherm het hoofdscherm is en welke het secundaire beeldscherm is. U kunt ook
de resolutie en oriëntatie wijzigen.
Hoofdstuk 2.Aan de slag met uw computer 19
Lenovo Pen Pro
Bepaalde modellen van P15 Gen 2 en T15g Gen 2 worden geleverd met een Lenovo Pen Pro (in deze sectie
pen genoemd). Met de Lenovo Pen Pro (een oplaadbare styluspen) kunt u op een natuurlijke manier schrijven
en tekenen. Als u de pen wilt aanschaffen, gaat u naar https://www.lenovo.com/accessories.
Opmerking: De kleur van de pen kan verschillen per land of regio. Afhankelijk van het model kan de
geleverde pen er enigszins anders uitzien dan in de afbeeldingen in dit onderwerp.
Overzicht van pen
Onderste hulselknop
Houd de knop ingedrukt om tekst of tekeningen te wissen in ondersteunde apps.
Bovenste hulselknop
Houd de knop ingedrukt en tik op het beeldscherm om te rechtsklikken in
ondersteunde apps.
USB-C-aansluiting
Laad de pen op door middel van de voedingsadapter die bij de vouwbare pc is
meegeleverd.
Led-lampje Als het led-lampje oranje knippert, is de batterij van de pen bijna leeg. Tijdens het
opladen brandt het led-lampje continu oranje. Als de pen volledig is opgeladen,
brandt het led-lampje continu groen. Het volledig opladen van de pen duurt
ongeveer twee uur.
Bovenste penknop
Houd de bovenste penknop minstens drie seconden ingedrukt om koppelen via
Bluetooth op de pen in te schakelen.
Opmerkingen:
De standaardfunctie van elke penknop kan variëren in verschillende toepassingen.
U kunt de functies van de penknoppen aanpassen met de Lenovo Pen Settings. Als Lenovo Pen Settings
niet op de computer is geïnstalleerd, kunt u het meest recente WinTab-stuurprogramma downloaden van
https://support.lenovo.com.
De pen koppelen
1. Schakel op de pen het koppelen via Bluetooth in door de bovenste knop minstens drie seconden
ingedrukt te houden. Het LED-lampje op de pen gaat groen knipperen.
20 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
2. Schakel koppelen via Bluetooth in op de computer om de pen te ontdekken en de koppeling tot stand te
brengen. Zie 'Een Bluetooth-verbinding instellen' op pagina 26. De pen wordt gedetecteerd als Lenovo
Pen Pro.
Na het koppelen kunt u meer functies instellen. Druk hiervoor één of twee keer op de bovenste knop. U kunt
de functies van de bovenste knop aanpassen met Lenovo Pen Settings. U kunt dit ook doen door het menu
Start pictogram van Start te openen en op Instellingen Apparaten Pen en Windows Ink
Pensneltoetsenklikken.
De pen vastzetten
De pen wordt geleverd met een penhouder. U bewaart de pen als volgt op de computer:
1. Plaats de penhouder in de USB-aansluiting van de computer.
2. Steek de pen in de penhouder op een van de manieren die worden getoond in de afbeelding.
Onderhoudstips
De pen is niet waterdicht. Houd de pen uit de buurt van water en extreme vochtigheid.
De pen bevat een aantal druksensoren. Pas de juiste hoeveelheid druk toe wanneer u op het scherm
schrijft. Stel de pen niet bloot aan schokken of trillingen.
Bewaar uw pen indien mogelijk op een goed geventileerde, droge plek en stel hem niet bloot aan zonlicht.
Gebruik of bewaar de pen niet op een plaats waar grote temperatuurschommelingen kunnen optreden,
zoals in een auto.
Hoofdstuk 2.Aan de slag met uw computer 21
22 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 3. Uw computer verkennen
Lenovo-apps
Dit gedeelte bevat een inleiding over de Vantage- en Lenovo Quick Clean-apps.
De Vantage-app
De vooraf geïnstalleerde Vantage-app is een aangepaste oplossing waarmee u uw computer kunt
onderhouden met automatische updates en oplossingen, hardware-instellingen kunt configureren en
gepersonaliseerde ondersteuning kunt krijgen.
Om toegang te krijgen tot de Vantage-app, typt u Vantage in het Windows zoekveld.
Belangrijke functies
Met de Vantage-app kunt u:
Eenvoudig de status van het apparaat te weten komen en pas apparaat-instellingen aan.
Download en installeer updates voor UEFI BIOS, firmware en stuurprogramma's om uw computer up-to-
date te houden.
Controleer de status van uw computer en beveilig uw computer tegen externe bedreigingen.
De computerhardware scannen en de oorzaak van hardwareproblemen opsporen.
De garantiestatus van de computer opzoeken (online).
Toegang krijgen tot de Gebruikershandleiding en nuttige artikelen.
Opmerkingen:
De beschikbare functies variëren, afhankelijk van het computermodel.
De Vantage-app werkt regelmatig de functies bij om uw ervaring met de computer te verbeteren. De
beschrijving van voorzieningen kan verschillen van die op uw daadwerkelijke gebruikersinterface.
Lenovo Quick Clean
Afhankelijk van het model biedt uw computer mogelijk ondersteuning voor de functie Lenovo Quick Clean.
De voorgeïnstalleerde Lenovo Quick Clean stelt u in staat om het toetsenbord, scherm, trackpad en
TrackPoint-aanwijsapparaat tijdelijk uit te schakelen voor reiniging.
U kunt Lenovo Quick Clean als volgt openen:
Typ Lenovo Quick Clean in het Windows zoekvak.
Druk tegelijkertijd op Fn en de rechter Shift-toets.
Om de laatste versie van Lenovo Quick Clean te downloaden gaat u naar https://pcsupport.lenovo.com.
© Copyright Lenovo 2021 23
Beeldschermkleuren kalibreren (voor bepaalde modellen)
De standaardvoorziening Beeldschermkleuren kalibreren is vooraf geïnstalleerd op computermodellen met
het programma X-Rite Color Assistant. Met deze functie kunt u kleurbeelden of grafische elementen zo dicht
mogelijk bij de oorspronkelijk bedoelde kleuren op het beeldscherm weergeven.
Bij computers met de standaardfunctie voor kleurkalibratie zijn de kleurprofielen vooraf geïnstalleerd. U kunt
naar wens heen en weer schakelen tussen de verschillende kleurprofielen:
1. Klik op het driehoekige pictogram in het systeemvak van Windows om verborgen pictogrammen weer te
geven. Daarna klikt u met de rechtermuisknop op het .
2. Volg de aanwijzingen op het scherm om het gewenste profiel te selecteren.
Lenovo biedt als kleurprofielen als back-up in de Lenovo Cloud. In de volgende situaties moet u mogelijk
kleurprofielen herstellen of installeren:
Als een kleurprofiel verloren of beschadigd is geraakt, wordt een herinnering weergegeven om de
kleurprofielen te herstellen. Klik op Yes in het venster met de herinnering en de kleurprofielen worden
automatisch vanuit de Lenovo Cloud hersteld.
Als het beeldscherm is vervangen door een door Lenovo geautoriseerde serviceprovider, doet u het
volgende om de nieuwe kleurprofielen te installeren:
1. Sluit uw computer aan op het netwerk en sluit het programma X-Rite Color Assistant.
2. Ga naar C:\Program files (x86)\X-Rite Color Assistant en zoek het
ProfileUpdaterForDisplayReplacement.exe-bestand.
3. Dubbelklik op het EXE-bestand. Volg daarna de aanwijzingen op het scherm voor het invoeren van
het serienummer van het beeldscherm en klik op Verzenden.
Opmerking: Wanneer de nieuwe kleurprofielen zijn geïnstalleerd, wordt een venster weergegeven.
Intelligent koelen
Met de slimme koelfunctie van Lenovo kan uw computer in de volgende drie modi werken:
Stille modus: lagere ventilatorsnelheid
Gebalanceerde modus: goed evenwicht tussen prestaties en ventilatorsnelheid
Prestatiemodus: de hoogste prestaties en een gemiddelde ventilatorsnelheid
Ultraprestatiemodus: hoogste prestaties en hogere ventilatorsnelheid
met netvoeding met batterijvoeding
De gewenste modus selecteren:
1. Klik in het systeemvak van Windows op het batterijstatuspictogram.
2. Beweeg de schuifregelaar om de gewenste modus te selecteren.
24 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Opmerking: Zorg er in de ultraprestatie- of prestatiemodus voor dat uw handen, uw schoot of enig ander
deel van uw lichaam niet langer dan 10 seconden in contact komt met een heet gedeelte van de computer.
De functie Koel en stil op schoot gebruiken
Met de functie Koel en stil op schoot kan de computer afkoelen wanneer deze warm wordt. Langdurig
contact met uw lichaam kan onaangenaam zijn, ook door uw kleding heen. Als u liever werkt met uw
computer op uw schoot, wordt aangeraden om de functie Koel en stil op schoot in te schakelen in de UEFI
BIOS:
1. Open het UEFI BIOS-menu. Zie 'Het UEFI BIOS-menu openen' op pagina 35.
2. Klik op Config en zet de schakelaar Cool and Quiet on lap mode aan.
Energie beheren
Gebruik de informatie in dit gedeelte om de beste balans te vinden tussen prestaties en efficiënt
stroomverbruik.
De status van de batterij controleren
Klik op het batterijpictogram in het Windows-systeemvak om snel de batterijstatus te controleren, het
huidige energiebeheerschema te bekijken en de batterij-instellingen te openen. Raadpleeg de Vantage-app
voor meer informatie over de batterij.
De computer opladen
Voedingsbron van de voedingsadapter:
Vermogen: 170 W of 230 W (afhankelijk van het model)
Sinus-invoer bij 50 tot 60 Hz
Ingangsspanning van de netvoedingsadapter: 100 tot 240 VAC, 50 tot 60 Hz
Hoofdstuk 3.Uw computer verkennen 25
Wanneer u merkt dat de batterij bijna leeg is, moet u de batterij opladen door uw computer aan te sluiten op
de netvoeding. Uw voedingsadapter ondersteunt de functie voor snel opladen en de batterij wordt in
ongeveer één uur 80% opgeladen wanneer de computer is uitgeschakeld. De werkelijke oplaadtijd is
afhankelijk van de batterijgrootte, de fysieke omgeving en of u de computer al dan niet gebruikt.
Opmerking: Voor een maximale levensduur moet u de batterij gebruiken tot hij helemaal leeg is en weer
volledig opladen voordat u deze opnieuw gebruikt. Als de batterij helemaal is opgeladen, moet u de lading
laten teruglopen tot 94% of lager voordat u deze opnieuw oplaadt.
De energie-instellingen wijzigen
Voor computers die compatibel zijn met ENERGY STAR® wordt het volgende energiebeheerschema van
kracht wanneer de computer gedurende een bepaalde tijd niet actief is geweest:
Beeldscherm uitzetten na: na 10 minuten
Computer in slaapstand: na 10 minuten
Het energiebeheerschema opnieuw instellen:
1. Klik met de rechtermuisknop op het batterijstatuspictogram en selecteer Energiebeheer.
2. Kies een energiebeheerschema of maak uw eigen energiebeheerschema.
De functie van de aan/uit-knop opnieuw instellen:
1. Klik met de rechtermuisknop op het statuspictogram van de batterij en selecteer Energiebeheer Het
gedrag van de aan/uit-knoppen wijzigen.
2. Breng de gewenste wijzigingen aan in de instellingen.
Gegevens overbrengen
Deel snel uw bestanden via de ingebouwde Bluetooth-technologie met apparaten die over dezelfde functie
beschikken. U kunt ook een SD-kaart of een smartcard gebruiken om gegevens over te brengen.
Een Bluetooth-verbinding instellen
U kunt op uw computer verbinding maken met alle typen Bluetooth-apparaten, zoals een toetsenbord, een
muis, een smartphone of luidsprekers. Voor een geslaagde verbinding plaatst u de apparaten maximaal 10
meter (33 voet) van de computer.
1. Typ Bluetooth in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
26 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
2. Schakel Bluetooth in, als deze is uitgeschakeld.
3. Selecteer een Bluetooth-apparaat en volg de instructies op het scherm.
Een SD-kaart of smartcard gebruiken (op bepaalde modellen)
U kunt een SD-kaart of een smartcard gebruiken om gegevens over te brengen.
Een SD-kaart installeren of verwijderen
Attentie: Voordat u de kaart verwijdert:
1. Klik op het driehoekige pictogram in het systeemvak van Windows om verborgen pictogrammen weer te
geven. Rechtermuisknop het op het icoon om veilig hardware te verwijderen en media te verwijderen.
2. Selecteer het corresponderende item om de kaart uit het Windows-besturingssysteem te verwijderen.
3. Druk op de kaart en verwijder deze uit de computer. Bewaar de kaart op een veilige plaats voor
toekomstig gebruik.
Ondersteunde smartcard
Specificaties ondersteunde smartcard: 85,60 mm x 53,98 mm
Attentie: Smartcards met spleten worden niet ondersteund. Plaats een dergelijke smartcard niet in de
smartcardsleuf van uw computer. Als u dit wel doet, kan de lezer beschadigd raken.
Accessoires
In dit gedeelte vindt u instructies voor het gebruik van hardwareaccessoires om de voorzieningen van uw
computer uit te breiden.
Hoofdstuk 3.Uw computer verkennen 27
Accessoires aanschaffen
Lenovo heeft allerlei hardwareaccessoires en upgrades om de voorzieningen van uw computer uit te breiden.
Onder de opties vallen geheugenmodules, opslagapparaten, netwerkkaarten, port replicators of
dockingstations, batterijen, voedingsadapters, toetsenborden, muizen en meer.
Als u bij Lenovo wilt kopen, gaat u naar https://www.lenovo.com/accessories.
28 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 4. De computer en computergegevens beveiligen
De computer vergrendelen
Maak uw computer vast aan een bureau, tafel of een ander vast voorwerp met een compatibel
veiligheidskabelslot.
Opmerking: U bent zelf verantwoordelijk voor de keuze en toepassing van het specifieke slot en andere
beveiligingsvoorzieningen. Lenovo is niet verantwoordelijk voor het slot en de beveiligingsfuncties van uw
apparaat. U kunt de kabelsloten aanschaffen op https://smartfind.lenovo.com.
Aanmelden met uw vingerafdruk
Registreer uw vingerafdrukken en ontgrendel de computer door uw vingerafdrukken op de vingerafdruklezer
te scannen.
1. Typ Aanmeldopties in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
2. Selecteer de vingerafdrukinstelling en volg de aanwijzingen op het scherm om uw vingerafdruk te
registreren.
Opmerking: Het is raadzaam je vinger tijdens de inschrijving op het midden van de vingerafdruklezer te
plaatsen en meer dan één vingerafdruk te registreren in het geval van eventueel letsel aan je vingers. Na
de registratie worden de vingerafdrukken automatisch gekoppeld aan het Windows-wachtwoord.
3. Meld u aan met uw vingerafdruk.
Uw vingerafdrukken koppelen aan UEFI BIOS-wachtwoorden
U kunt uw vingerafdrukken koppelen aan het systeemwachtwoord en het vaste-schijfwachtwoord. Zie 'Uw
vingerafdrukken aan wachtwoorden koppelen (voor bepaalde modellen)' op pagina 33.
Onderhoudstips:
© Copyright Lenovo 2021 29
Maak geen krassen op het oppervlak van de lezer met een hard voorwerp.
Gebruik de lezer niet of raak deze niet aan met een natte, vuile, gerimpelde of gewonde vinger.
Aanmelden met uw gezichts-ID (voor bepaalde modellen)
Voor modellen die zijn uitgerust met een privacyschuif voor webcam schuift u deze voor de cameralens weg
voordat u de Windows Hello-gezichtsherkenning gebruikt.
Maak uw gezichts-ID en ontgrendel uw computer door uw gezicht te scannen:
1. Typ Aanmeldopties in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
2. Selecteer de face ID instelling en volg de aanwijzingen op het scherm om uw face ID aan te maken.
Gegevens beschermen tegen stroomuitval (voor bepaalde modellen)
Het NVMe M.2 SSD-station (Non-Volatile Memory express) is uitgerust met de unieke functie PLP (Power
Loss Protection) van Lenovo om gegevensverlies of schade te voorkomen. Als uw computer niet meer
reageert en u mogelijk de computer moet afsluiten, houdt u de aan/uit-knop een aantal seconden ingedrukt.
In dat geval zorgt de PLP-functie ervoor dat gegevens van uw computer tijdig worden opgeslagen. Er is
echter geen garantie dat alle gegevens in elke situatie worden opgeslagen. Het type van uw M.2 SSD-station
controleren:
1. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op F10 om het
Lenovo-diagnosescherm weer te geven.
2. Ga naar het tabblad Hulpprogramma's en selecteer SYSTEM INFORMATION STORAGE met de
pijltoetsen.
3. Zoek de sectie Device Type en raadpleeg de informatie.
UEFI BIOS-wachtwoorden
U kunt wachtwoorden in UEFI (Unified Extensible Firmware Interface) BIOS (Basic Input/Output System)
instellen om de beveiliging van uw computer te verbeteren.
Wachtwoordtypen
U kunt een systeemwachtwoord, supervisorwachtwoord, systeembeheerwachtwoord of NVMe-wachtwoord
instellen in het UEFI BIOS om toegang door onbevoegden tot uw computer te voorkomen. U wordt echter
niet om een UEFI BIOS-wachtwoord gevraagd wanneer de computer uit de slaapstand wordt gehaald.
Systeemwachtwoord
Als u een systeemwachtwoord hebt ingesteld, wordt er op het scherm een venster geopend als u de
computer aanzet. Voer het juiste wachtwoord om de computer te kunnen gebruiken.
Supervisorwachtwoord
Met het supervisorwachtwoord worden de systeemgegevens beveiligd die in het UEFI BIOS zijn opgeslagen.
Als u het UEFI BIOS-menu opent, voert u het juiste supervisorwachtwoord in het venster in. U kunt ook op
Enter drukken om de wachtwoordvraag over te slaan. U kunt de meeste systeemconfiguratieopties in het
UEFI BIOS dan echter niet wijzigen.
Als u zowel het supervisorwachtwoord als het systeemwachtwachtwoord hebt ingesteld, kunt u het
supervisorwachtwoord gebruiken om toegang tot uw computer te krijgen wanneer u de computer inschakelt.
Het supervisorwachtwoord gaat namelijk vóór het systeemwachtwoord.
30 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Systeembeheerwachtwoord
Met het systeembeheerwachtwoord kunt u ook de systeeminformatie in het UEFI BIOS beveiligen, net als
met een supervisorwachtwoord, maar het eerstgenoemde wachtwoord heeft standaard een lagere autoriteit.
U kunt het systeembeheerwachtwoord instellen via het UEFI BIOS-menu of via Windows Management
Instrumentation (WMI) met de Lenovo clientbeheerinterface.
U kunt het systeembeheerwachtwoord zo instellen dat dit dezelfde autoriteit heeft als het
supervisorwachtwoord om beveiligingsfuncties te beheren. De autoriteit van het systeembeheerwachtwoord
aanpassen via het UEFI BIOS-menu:
1. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1 om
het UEFI BIOS-menu te openen.
2. Selecteer Security Password System Management Password Access Control.
3. Volg de aanwijzingen op het scherm.
Als u het supervisorwachtwoord én het systeembeheerwachtwoord hebt ingesteld, heeft het
supervisorwachtwoord een hogere autoriteit dan het systeembeheerwachtwoord. Als u het
systeembeheerwachtwoord én het systeemwachtwoord hebt ingesteld, heeft het
systeembeheerwachtwoord een hogere autoriteit dan het systeemwachtwoord.
NVMe-wachtwoorden
Met het NVMe-wachtwoord voorkomt u dat onbevoegden toegang hebben tot de gegevens op het
opslagstation. Als er een NVMe-wachtwoord is ingesteld, wordt u telkens als u toegang tot het opslagstation
wilt hebben, om een geldig wachtwoord gevraagd.
Eén wachtwoord
Als een enkel NVMe-wachtwoord is ingesteld, moet de gebruiker het NVMe-wachtwoord van de gebruiker
invoeren om toegang te krijgen tot bestanden en toepassingen op het opslagstation.
Dubbel wachtwoord (gebruiker + beheerder)
Het NVMe-wachtwoord voor beheerders wordt ingesteld en gebruikt door een systeembeheerder.
Hiermee heeft de beheerder toegang tot alle opslagstations in een systeem of tot alle computers in
hetzelfde netwerk. De beheerder kan ook een NVMe-wachtwoord voor gebruikers toewijzen voor elke
computer in het netwerk. De gebruiker van de computer kan dit NVMe-wachtwoord voor gebruikers zelf
wijzigen, maar alleen de beheerder kan het NVMe-wachtwoord voor gebruikers verwijderen.
Als u wordt gevraagd een NVMe-wachtwoord in te voeren, drukt u op F1 om te schakelen tussen het NVMe-
wachtwoord voor beheerders en het NVMe-wachtwoord voor gebruikers.
Opmerkingen: Het NVMe-wachtwoord is niet beschikbaar in de volgende situaties:
Er zijn een opslagstation conform TCG (Trusted Computing Group) Opal en een TCG Opal-
beheersoftwareprogramma geïnstalleerd op de computer en de TCG Opal-beheersoftware is geactiveerd.
Er is een eDrive-opslagstation vooraf geïnstalleerd op de computer met het Windows-besturingssysteem.
Een wachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen
Druk deze aanwijzingen af voordat u begint.
1. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1 om
het UEFI BIOS-menu te openen.
2. Selecteer Security Password met de pijltoetsen.
3. Selecteer het type wachtwoord. Volg nu de instructies op het scherm om een wachtwoord in te stellen,
te wijzigen of te verwijderen.
Hoofdstuk 4.De computer en computergegevens beveiligen 31
Noteer alle wachtwoorden en bewaar ze op een veilige plaats. Als u een van uw wachtwoorden vergeet,
vallen eventuele vereiste herstelbewerkingen niet onder de garantie.
Wat u moet doen als u het systeemwachtwoord vergeet
Als u het power-on-wachtwoord vergeet, doet u het volgende om het power-on password te verwijderen:
Als u een beheerderswachtwoord hebt ingesteld en onthouden:
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt onmiddellijk op F1.
2. Typ het beheerderswachtwoord om het UEFI BIOS-menu te openen.
3. Selecteer Security Password Power-On Password met behulp van de pijltoetsen.
4. Typ het huidige beheerderswachtwoord in het veld Enter Current Password. Vervolgens laat u het
veld Enter New Password leeg en drukt u tweemaal op Enter.
5. Tik in het venster Changes have been saved op Enter.
6. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en het UEFI BIOS-menu af te sluiten.
Als u geen beheerderswachtwoord hebt, moet u contact opnemen met een door Lenovo geautoriseerde
serviceprovider om het systeemwachtwoord te verwijderen.
Wat u moet doen als u het NVMe-wachtwoord bent vergeten
Als u uw NVMe-wachtwoord (één wachtwoord) of zowel het gebruikerswachtwoord als het
beheerderswachtwoord voor NVMe (twee wachtwoorden) bent vergeten, kan Lenovo die wachtwoorden niet
opnieuw instellen en de gegevens op het opslagstation niet herstellen. Neem contact op met een Lenovo
geautoriseerde serviceprovider om het opslagstation te laten vervangen. Er worden kosten voor de
onderdelen en service in rekening gebracht. Als het opslagstation een CRU (Customer Replaceable Unit) is,
kunt u ook contact opnemen met Lenovo om een nieuw opslagstation aan te schaffen om zelf het oude
exemplaar te vervangen. Zie Hoofdstuk 6 'CRU vervangen' op pagina 41 om te controleren of het
opslagstation een CRU is en wat de relevante vervangingsprocedure is.
Wat u moet doen als u het supervisorwachtwoord vergeet
Als u uw supervisorwachtwoord vergeet, is er geen serviceprocedure om het wachtwoord te verwijderen.
Neem contact op met een Lenovo geautoriseerde serviceprovider om de systeemplaat te laten vervangen. Er
worden kosten voor de onderdelen en service in rekening gebracht.
Wat u moet doen als u het systeembeheerwachtwoord vergeet
Als u het systeembeheerwachtwoord bent vergeten, doet u het volgende om het systeemwachtwoord te
verwijderen:
Als u een supervisorwachtwoord hebt ingesteld en onthouden:
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt onmiddellijk op F1.
2. Typ het supervisorwachtwoord om het UEFI BIOS-menu te openen.
3. Selecteer Security Password System Management Password met behulp van de pijltoetsen.
4. Typ het huidige supervisorwachtwoord in het veld Enter Current Password. Vervolgens laat u het
veld Enter New Password leeg en drukt u tweemaal op Enter.
5. Tik in het venster Changes have been saved op Enter.
6. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en het UEFI BIOS-menu af te sluiten.
Als u geen supervisorwachtwoord hebt ingesteld, neemt u contact op met een door Lenovo
geautoriseerde serviceprovider om het systeembeheerwachtwoord te laten verwijderen.
32 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Uw vingerafdrukken aan wachtwoorden koppelen (voor bepaalde
modellen)
Doe het volgende om uw vingerafdrukken aan het systeemwachtwoord en vaste-schijfwachtwoord te
koppelen:
1. Zet de computer uit en daarna weer aan.
2. Scan uw vinger op de vingerafdruklezer op het moment dat hierom wordt gevraagd.
3. Voer uw systeemwachtwoord, NVMe-wachtwoord of beide (zoals vereist) in. De verbinding wordt tot
stand gebracht.
Als u de computer opnieuw start, kunt u uw vingerafdrukken gebruiken om zich bij de computer aan te
melden zonder dat u uw Windows-wachtwoord, systeemwachtwoord of vaste-schijfwachtwoord hoeft in te
voeren. Als u de instellingen wilt wijzigen, drukt u op F1 om naar het menu UEFI BIOS te gaan en selecteert u
Security Fingerprint.
Attentie: Als u altijd uw vingerafdruk gebruikt om u aan te melden op de computer, is de kans groot dat u
uw wachtwoorden vergeet. Noteer daarom uw wachtwoorden en bewaar het op een veilige plek.
Hoofdstuk 4.De computer en computergegevens beveiligen 33
34 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 5. Geavanceerde instellingen configureren
UEFI BIOS
UEFI BIOS is het eerste programma dat op de computer wordt uitgevoerd. Wanneer de computer wordt
ingeschakeld, voert UEFI BIOS een zelftest uit om te controleren of de verschillende apparaten in de
computer werken.
Het UEFI BIOS-menu openen
Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1 om het
UEFI BIOS-menu te openen.
Navigeren in de UEFI BIOS-interface
U kunt navigeren in de UEFI BIOS-interface door op de volgende toetsen te drukken:
F1: algemene Help
F9: standaardinstellingen
F10: opslaan en afsluiten
F5/F6: opstartvolgorde wijzigen
of PgUp/PgDn: pagina selecteren/schuiven
: toetsenbordfocus verplaatsen
Esc: terug/dialoogvenster sluiten
Enter: submenu selecteren/openen
De systeemdatum en -tijd instellen
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt op F1.
2. Selecteer Date/Time en stel de gewenste datum en tijd voor het systeem in.
3. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
De opstartvolgorde wijzigen
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt op F1.
2. Selecteer Startup Boot. Druk vervolgens op Enter. De lijst met de volgorde van apparaten wordt nu
weergegeven.
Opmerking: Er wordt geen opstartapparaat weergegeven als de computer niet kan worden opgestart
vanaf een apparaat of als het besturingssysteem niet kan worden gevonden.
3. Stel de gewenste opstartvolgorde in.
4. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
De opstartvolgorde tijdelijk wijzigen:
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt op F12.
2. Selecteer het apparaat dat u wilt gebruiken om de computer op te starten en druk op Enter.
© Copyright Lenovo 2021 35
UEFI BIOS bijwerken
Wanneer u een nieuw programma, een stuurprogramma of een hardwareonderdeel installeert, moet u
mogelijk het UEFI BIOS bijwerken.
Download en installeer het nieuwste UEFI BIOS-updatepakket via een van de volgende methoden:
Open de app Vantage om te zien welke updatepakketten beschikbaar zijn. Als het nieuwste UEFI BIOS-
updatepakket beschikbaar is, volgt u de instructies op het scherm om het pakket te downloaden en te
installeren.
Ga naar https://pcsupport.lenovo.com en selecteer de invoer voor uw computer. Volg daarna de
aanwijzingen op het scherm voor het downloaden en installeren van het nieuwste UEFI BIOS-
updatepakket.
Ga voor meer informatie over UEFI BIOS naar de Knowledge Base voor uw computer op https://
pcsupport.lenovo.com.
RAID
RAID (Redundant Array of Independent Disks) is een technologie waarmee door redundantie betere
opslagfuncties en betrouwbaarheid worden geboden. Met de technologie kunnen ook de betrouwbaarheid
van de gegevensopslag en de fouttolerantie worden verbeterd in vergelijking met opslagsystemen met maar
één station. Gegevensverlies als gevolg van een stationsfout kan worden voorkomen door de ontbrekende
gegevens met behulp van de overgebleven stations opnieuw samen te stellen.
Als een groep onafhankelijke fysieke opslagstations is ingesteld op het gebruik van RAID-technologie, zijn
deze in een RAID-array geplaatst. Via deze array worden gegevens over meerdere opslagstations verdeeld,
maar de array verschijnt op de hostcomputer als een enkele opslageenheid. RAID-arrays creëren en
gebruiken biedt hoge prestaties, zoals betere I/O-prestaties, omdat verschillende stations tegelijk kunnen
worden gebruikt.
Vereisten voor opslagstations voor RAID-niveaus
De computer ondersteunt de volgende interne opslagstations:
M.2 NVMe (Non-Volatile Memory Express) SSD-station
Opmerking: Controleer of op de computer twee identieke opslagstations (twee M.2 NVMe SSD-stations
met dezelfde capaciteit) zijn geïnstalleerd voor ondersteunde RAID-niveaus. Als er maar één station is
geïnstalleerd, of twee verschillende typen stations, is de volgende informatie niet van toepassing.
De computer ondersteunt de volgende RAID-niveaus:
RAID 0: striped disk array (ontbrekende gegevens die het resultaat zijn van een stationsfout, kunnen niet
worden gereconstrueerd)
Bestaat uit twee identieke opslagstations
Ondersteunde stripgrootte: 4 KB, 8 KB, 16 KB, 32 KB, 64 KB of 128 KB
Betere prestaties zonder fouttolerantie
Grotere kans op gegevensverlies als gevolg van een fout van een lidstation dan bij niet-RAID-
configuratie
RAID 1: gespiegelde schijvenreeks
Bestaat uit twee identieke opslagstations
Verbeterde leessnelheid en 100% redundantie
36 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Het configuratiehulpprogramma Intel RST openen
1. Zorg ervoor dat RAID is ingeschakeld in het UEFI BIOS-menu:
a. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1
om het UEFI BIOS-menu te openen.
b. Selecteer Config Storage VMD Controller On en druk vervolgens op Enter.
c. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
2. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1 om
het UEFI BIOS-menu te openen.
3. Selecteer Config Storage Intel (R) Rapid Storage Technology en druk vervolgens op Enter.
Het venster Intel (R) Rapid Storage Technology wordt geopend en de volgende opties worden
weergegeven:
Create RAID Volume: een RAID-volume maken. Als er geen interne opslagstations kunnen worden
gebruikt, is deze optie niet beschikbaar.
RAID Volumes: bevestig de gegevens van de gemaakte RAID-volumes.
Non-RAID Physical Disks: bevestig de informatie van alle niet-RAID-stations.
4. Selecteer een optie met de cursortoetsen pijl-omhoog en pijl-omlaag. Druk op Enter om naar het menu
voor de geselecteerde optie te gaan. Druk op Esc om het configuratieprogramma Intel RST af te sluiten.
RAID-volumes maken
Attentie: Alle bestaande gegevens die op de geselecteerde stations zijn opgeslagen, worden gewist terwijl
het RAID-volume wordt gemaakt.
1. Open het configuratieprogramma Intel RST.
2. Selecteer Create RAID Volume en druk op Enter om het venster CREATE RAID VOLUME te openen.
3. Selecteer en configureer de opties een voor een.
a. Name: gebruik de standaardnaam of voer de gewenste naam in voor het RAID-volume.
b. RAID Level: druk op Enter om de RAID te wijzigen van RAID 0 (Stripe) naar RAID 1 (Mirror).
c. Select Disks: selecteer een station en druk op de spatiebalk of op Enter om het station aan een
groep toe te voegen. Het station dat niet kan worden gebruikt om een RAID-volume te maken, kan
niet worden geselecteerd. Er wordt een X weergegeven naast het geselecteerde station.
d. Strip Size: selecteer een stripgrootte en druk op Enter om de configuratie te voltooien. Deze optie is
alleen beschikbaar voor RAID 0.
e. Capacity: pas de capaciteit van het RAID-volume aan. Het standaard RAID-volume is de grootste
waarde.
f. Create Volume: druk op Enter om configuraties van de vorige opties te voltooien en een volume te
maken.
Opmerking: De optie Create Volume kan mogelijk niet worden geselecteerd, bijvoorbeeld als er
verschillende typen stations worden geselecteerd. Als de optie niet kan worden geselecteerd,
raadpleeg dan het bericht dat onder Create Volume wordt weergegeven.
Nadat het RAID-volume is gemaakt, wordt het venster Intel (R) Rapid Storage Technology geopend
waarin het gemaakte volume wordt weergegeven onder RAID Volumes.
4. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
Hoofdstuk 5.Geavanceerde instellingen configureren 37
RAID-volumes verwijderen
Attentie: Alle bestaande gegevens die op de geselecteerde stations zijn opgeslagen, worden gewist zodra u
RAID-volumes hebt verwijderd.
1. Open het configuratieprogramma Intel RST.
2. Selecteer het volume dat u wilt verwijderen onder RAID Volumes. Druk op Enter om het venster RAID
VOLUME INFO te openen.
3. Selecteer Delete en druk op Enter om het uit de lijst RAID Volumes te verwijderen.
4. Selecteer Yes om het verwijderen van het geselecteerde RAID-volume te bevestigen als dat wordt
gevraagd.
Nadat u het RAID-volume hebt verwijderd, wordt het venster Intel (R) Rapid Storage Technology
weergegeven. Lidstations van het verwijderde volume worden weergegeven onder Non-RAID Physical
Disks.
5. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
Opslagstations opnieuw instellen op niet-RAID
Attentie: Alle bestaande gegevens die op het geselecteerde station zijn opgeslagen, worden gewist zodra u
een station opnieuw hebt ingesteld op niet-RAID.
1. Open het configuratieprogramma Intel RST.
2. Selecteer het volume dat u opnieuw wilt instellen onder RAID Volumes. Druk op Enter om het venster
RAID VOLUME INFO te openen.
3. Selecteer het station dat u opnieuw wilt instellen onder RAID Member Disks. Druk op Enter om het
venster PHYSICAL DISK INFO te openen.
4. Selecteer Reset to Non-RAID en druk op Enter. Selecteer Yes om het opnieuw instellen te bevestigen
als dat wordt gevraagd.
Nadat het opnieuw instellen is voltooid, wordt het venster Intel (R) Rapid Storage Technology
weergegeven. Het opnieuw ingestelde station wordt weergegeven onder Non-RAID Physical Disks en
het volume van het opnieuw ingestelde station wordt nog steeds weergegeven onder RAID Volumes.
De status is echter gewijzigd van Normal in Failed of Degraded.
5. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
RAID 1-volumes herstellen
Als de status van een RAID 1-volume Failed of Degraded is, kunt u het opnieuw opbouwen met het
configuratieprogramma Intel RST. Om een RAID 1-volume opnieuw op te bouwen, dient ten minste één
lidstation van het RAID 1-volume correct te werken. Vervang het defecte opslagstation door een nieuw
station met dezelfde capaciteit voordat u een RAID 1-volume opnieuw opbouwt.
1. Open het configuratieprogramma Intel RST.
2. Selecteer het volume dat u opnieuw wilt opbouwen onder RAID Volumes. Druk op Enter om het venster
RAID VOLUME INFO te openen.
3. Selecteer Rebuild en druk op Enter om het venster Rebuild Volume te openen.
4. Selecteer het station dat u wilt herstellen en druk op Enter om het herstelproces te starten.
Nadat u het opbouwproces hebt gestart, wordt het venster Intel (R) Rapid Storage Technology
weergegeven. Bij het RAID 1-volume dat opnieuw wordt opgebouwd, wordt onder RAID Volumes de
tekst Rebuilding weergegeven.
5. Wacht een paar minuten. Als het opbouwproces is geslaagd, verandert de tekst Rebuilding in Normal.
38 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
6. Druk op F10 om de wijzigingen op te slaan en af te sluiten.
Een Windows-besturingssysteem en stuurprogramma's installeren
In dit gedeelte vindt u instructies voor het installeren van een Windows-besturingssysteem en
stuurprogramma's.
Een Windows-besturingssysteem installeren
Microsoft brengt voortdurend updates uit voor het besturingssysteem Windows. Controleer voordat u een
bepaalde Windows-versie installeert de compatibiliteitslijst voor de Windows-versie. Ga voor meer informatie
naar https://support.lenovo.com/us/en/solutions/windows-support.
Attentie:
Wij raden u aan uw besturingssysteem bij te werken via officiële kanalen. Een onofficiële update kan
beveiligingsrisico's veroorzaken.
Wanneer u een nieuw besturingssysteem installeert, worden alle gegevens op het interne opslagstation
verwijderd, inclusief de gegevens die in verborgen mappen zijn opgeslagen.
1. Als u de Windows-functie BitLocker® Drive Encryption gebruikt en uw computer een Trusted Platform
Module heeft, moet u ervoor zorgen dat de functie is uitgeschakeld.
2. Zorg ervoor dat u de beveiligings-chip hebt ingesteld op Active.
a. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1
om het UEFI BIOS-menu te openen.
b. Selecteer Security Security Chip en druk op Enter. Het submenu Security Chip wordt geopend.
c. Zorg ervoor dat de beveiligingschip voor TPM 2.0 is ingesteld op Active.
d. Druk op F10 om de instellingen op te slaan en af te sluiten.
3. Verbind het station waarop het installatieprogramma van het besturingssysteem staat met de computer.
4. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven, drukt u op de toets F1 om
het UEFI BIOS-menu te openen.
5. Selecteer Startup Boot om het submenu Boot Priority Order weer te geven.
6. Selecteer het station waarop het installatieprogramma van het besturingssysteem staat, bijvoorbeeld
USB HDD. Druk vervolgens op Esc.
Attentie: Nadat u de opstartvolgorde hebt gewijzigd, moet u het juiste apparaat opgeven bij het maken
van een kopie, bij het opslaan van bestanden of bij het formatteren. Als u het verkeerde apparaat
selecteert, kunnen de gegevens op dat apparaat worden gewist of overschreven.
7. Selecteer Restart en zorg ervoor dat OS Optimized Defaults is ingeschakeld. Druk vervolgens op F10
om de instellingen op te slaan en af te sluiten.
8. Volg de aanwijzingen op het scherm om de apparaatstuurprogramma's en de benodigde programma's
te installeren.
9. Na de installatie van de stuurprogramma's past u Windows Update toe om de nieuwste updates, zoals
de beveiligingspatches, op te halen.
Apparaatstuurprogramma's installeren
U moet het meest recente stuurprogramma voor een bepaalde component downloaden wanneer u merkt dat
die component niet goed meer werkt of wanneer u een nieuwe component hebt toegevoegd. Met deze actie
kan wellicht de mogelijkheid worden uitgesloten dat het probleem door het stuurprogramma wordt
veroorzaakt. Download en installeer het nieuwste stuurprogramma via een van de volgende methoden:
Hoofdstuk 5.Geavanceerde instellingen configureren 39
Open de app Vantage om te zien welke updatepakketten beschikbaar zijn. Selecteer de gewenste
updatepakketten en volg de instructies op het scherm om de pakketten te downloaden en te installeren.
Ga naar https://pcsupport.lenovo.com en selecteer de invoer voor uw computer. Volg nu de aanwijzingen
op het scherm om de benodigde stuurprogramma's en software te installeren.
40 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 6. CRU vervangen
Customer Replaceable Units (CRU's) zijn onderdelen die door de gebruiker zelf kunnen worden vervangen.
De computers bevatten de volgende typen CRU's:
Self-service CRU's: verwijzen naar onderdelen die eenvoudig kunnen worden geïnstalleerd of vervangen
door gebruikers zelf of tegen extra kosten door speciaal opgeleide servicemedewerkers.
Optional-service CRU's: verwijzen naar onderdelen die kunnen worden geïnstalleerd of vervangen door
meer ervaren gebruikers. Speciaal opgeleide servicemedewerkers kunnen tevens een service bieden om
de onderdelen te installeren of vervangen onder het type garantie dat is vastgesteld voor het apparaat van
de gebruiker.
Als u een CRU zelf wilt installeren, verzendt Lenovo de CRU naar u. Informatie over CRU‘s en
vervangingsinstructies worden bij uw product geleverd en zijn te allen tijde op verzoek bij Lenovo
verkrijgbaar. Mogelijk moet u het defecte onderdeel retourneren dat door de CRU wordt vervangen. Indien
terugzending wordt verlangd: (1) worden bij de vervangende CRU retourzending-instructies, een
voorgefrankeerd retouretiket en een verpakkingsmateriaal geleverd; en (2) kunnen u voor de vervangende
CRU kosten in rekening worden gebracht indien Lenovo de defecte CRU niet ontvangt binnen dertig (30)
dagen nadat u de vervangende CRU hebt ontvangen. Raadpleeg de documentatie over de Lenovo Beperkte
Garantie op https://www.lenovo.com/warranty/llw_02 voor de volledige details.
CRU-lijst
Hier volgt een lijst van CRU's voor uw computer.
Self-service CRU's
Netvoedingsadapter
Onderklep
Nano-SIM-kaartlade*
Netsnoer
Lenovo Pen Pro (voor bepaalde modellen van de P15 Gen 2 en T15g Gen 2)
Optional-service CRU's
Toetsenbord
Geheugenmodule
M.2 SSD-station
Servicebeugel
* voor bepaalde modellen
Opmerking: Het vervangen van onderdelen die hierboven niet worden genoemd, inclusief de ingebouwde
oplaadbare batterij, moet worden uitgevoerd door een reparatiebedrijf dat door Lenovo is geautoriseerd. Ga
naar https://support.lenovo.com/partnerlocation voor meer informatie.
Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen
Voordat u een CRU vervangt, moet u eerst Snel opstarten uitschakelen en vervolgens de ingebouwde batterij
uitschakelen.
© Copyright Lenovo 2021 41
Snel opstarten uitschakelen:
1. Ga naar het Configuratiescherm en selecteer de weergave Grote pictogrammen of Kleine
pictogrammen.
2. Klik op Opties voor Energiebeheer en klik daarna op Het gedrag van de aan/uit-knop bepalen in het
linkerdeelvenster.
3. Klik bovenaan op Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn.
4. Klik op Ja als dat wordt gevraagd door Gebruikersaccountbeheer.
5. Schakel het selectievakje Snel opstarten inschakelen uit en klik daarna op Wijzigingen opslaan.
De ingebouwde batterij uitschakelen:
1. Start de computer opnieuw op. Druk zodra het logoscherm verschijnt onmiddellijk op de toets F1 om het
UEFI BIOS-menu weer te geven.
2. Selecteer Config Power. Het submenu Power verschijnt.
3. Selecteer Disable Built-in Battery en druk op Enter.
4. Selecteer Yes in het bevestigingsvenster. De ingebouwde batterij wordt uitgeschakeld en de computer
wordt automatisch uitgezet. Wacht drie tot vijf minuten om de computer te laten afkoelen.
Een CRU vervangen
Volg de vervangingsprocedure om een CRU te vervangen.
Onderklep
Vereiste
Lees voordat u begint de Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving van richtlijnen en druk de
volgende instructies af.
Opmerking: Verwijder de afdekklep van de bodem niet als uw computer is aangesloten op de netvoeding.
Als u dat wel doet, bestaat er een risico van kortsluiting.
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
42 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Verwijderingsprocedure
Installatieprocedure
Problemen oplossen
Als de computer niet opstart nadat u de onderklep weer hebt geplaatst, koppelt u de netvoedingsadapter los
en sluit u deze opnieuw aan op de computer.
Toetsenbord
Vereiste
Lees voordat u begint de Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving van richtlijnen en druk de
volgende instructies af.
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 43
Verwijderingsprocedure
Opmerking: Mogelijk krijgt u in enkele van de volgende stappen de opdracht om het toetsenbordframe naar
voor of naar achter te schuiven. Zorg er in dit geval voor dat u de toetsen niet indrukt of ingedrukt houdt
terwijl u het toetsenbordframe verschuift. Anders kan het toetsenbordframe niet worden verplaatst.
1. Maak de schroeven los waarmee het toetsenbord is bevestigd.
2. Druk op het toetsenbord in de door pijlen aangegeven richting om de klemmen van het afdekpaneel van
het toetsenbord te ontgrendelen.
3. Kantel het toetsenbord iets omhoog 1 en draai het toetsenbord vervolgens om 2.
44 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
4. Laat het toetsenbord zoals afgebeeld op de polssteun rusten en ontkoppel de aansluitingen. Verwijder
vervolgens het toetsenbord.
Installatieprocedure
Opmerking: Mogelijk krijgt u in enkele van de volgende stappen de opdracht om het toetsenbordframe naar
voor of naar achter te schuiven. Zorg er in dit geval voor dat u de toetsen niet indrukt of ingedrukt houdt
terwijl u het toetsenbordframe verschuift. Anders kan het toetsenbordframe niet worden verplaatst.
1. Sluit de aansluitingen aan en draai het toetsenbord om.
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 45
2. Steek het toetsenbord in zoals weergegeven in het afdekpaneel. Zorg ervoor dat de bovenste rand van
het toetsenbord (de rand die zich dicht bij het beeldscherm bevindt) onder het afdekpaneel van het
toetsenbord zit.
3. Schuif het toetsenbord in de richting die wordt aangegeven. Zorg ervoor dat de klemmen onder het
toetsenbordframe zitten.
46 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
4. Draai de computer om en draai de schroeven aan om het toetsenbord te bevestigen.
5. Sluit de netvoedingsadapter en alle ontkoppelde kabels weer op de computer aan.
Servicebeugel
Vereiste
Lees voordat u begint de Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving van richtlijnen en druk de
volgende instructies af.
Attentie: Raak de contactrand van de geheugenmodule beslist niet aan. Als u dat wel doet, kan de
geheugenmodule beschadigd raken.
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
4. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
5. Verwijder het toetsenbord. Zie 'Toetsenbord' op pagina 43.
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 47
Verwijderingsprocedure
Installatieprocedure
M.2 SSD-station
Vereiste
Lees voordat u begint de Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving van richtlijnen en druk de
volgende instructies af.
Attentie: Als u een M.2 SSD-station hebt vervangen, moet u mogelijk een nieuw besturingssysteem
installeren. Ga voor meer informatie over het installeren van een nieuw besturingssysteem naar 'Een
Windows-besturingssysteem en stuurprogramma's installeren' op pagina 39.
Het M.2 SSD-station is bijzonder gevoelig. Bij verkeerde behandeling kan er schade aan het station ontstaan
en kunnen er gegevens verloren gaan.
Als u met het M.2 SSD-station werkt, neem dan de volgende richtlijnen in acht:
Vervang het M.2 SSD-station alleen voor een upgrade of voor reparatie. Het M.2 SSD-station is niet
ontworpen om het regelmatig te verwisselen of te vervangen.
48 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Voordat u het M.2 SSD-station vervangt, moet u een back-up maken van alle gegevens die u wilt
behouden.
Oefen nooit druk uit op het M.2 SSD-station.
Raak de contactrand of de printplaat van het M.2 SSD-station niet aan. Als u dat wel doet, kan het M.2
SSD-station beschadigd raken.
Stel het M.2 SSD-station niet bloot aan schokken of trillingen. Plaats het M.2 SSD-station op zacht,
schokdempend materiaal, zoals een zachte doek.
Uw computer wordt geleverd met in totaal drie sleuven voor M.2 SSD-stations. Sleuf a en sleuf b bevinden
zich onder de onderste deur, terwijl sleuf c zich onder het toetsenbord bevindt. Let erop dat u de juiste
menuoptie kiest wanneer u de sleuf voor het M.2 SSD-station in het UEFI BIOS-menu configureert.
Sleuf a: NVMe1
Sleuf b: NVMe2
Sleuf c: NVMe0
Opmerking: Wanneer u een Gen-4-M.2 SSD-station installeert, moet u ervoor zorgen dat u deze in sleuf c
installeert voor betere prestaties.
M.2 SSD-station onder de onderklep
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
4. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 49
Verwijderingsprocedure
M.2 SSD-station onder het toetsenbord
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
4. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
5. Verwijder het toetsenbord. Zie 'Toetsenbord' op pagina 43.
6. Verwijder de servicebeugel. Zie 'Servicebeugel' op pagina 47.
Verwijderingsprocedure
50 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Geheugenmodule
Vereiste
Lees voordat u begint de Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving van richtlijnen en druk de
volgende instructies af.
Attentie: Raak de contactrand van de geheugenmodule beslist niet aan. Als u dat wel doet, kan de
geheugenmodule beschadigd raken.
Belangrijke opmerking over de installatie van de geheugenmodule
Uw computer wordt geleverd met vier geheugenmodulesleuven en ondersteunt geheugenmodules tot in
totaal 128 GB. Sleuf a en sleuf b bevinden zich onder de onderste deur, terwijl sleuf c en sleuf d zich onder
het toetsenbord bevinden. Gebruik bij het installeren of vervangen van een geheugenmodule de volgende
richtlijnen voor betere prestaties:
Belangrijk: Het wordt aanbevolen om de onderstaande installatieregels te volgen. Anders bestaat de kans
dat de computer niet start of niet goed werkt.
Als u in totaal een of twee geheugenmodules wilt installeren, installeert u deze in de sleuven onder de
bodemafdekplaat. Installeer de geheugenmodule(s) niet in de sleuven onder het toetsenbord.
Als u in totaal drie of vier geheugenmodules wilt installeren, installeert u eerst twee geheugenmodules in
de sleuven onder de bodemafdekplaat. Vervolgens installeert u de derde en vierde geheugenmodule in de
sleuven onder het toetsenbord.
Uw computer ondersteunt geheugenmodules tot in totaal 128 GB en het wordt aanbevolen om
geheugenmodules met dezelfde capaciteit en snelheid te gebruiken voor de beste dual-channel
geheugenprestaties.
Vervang een geheugenmodule uitsluitend door het type dat door Lenovo wordt aanbevolen.
Geheugenmodule onder de onderklep
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 51
4. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
Verwijderingsprocedure
Installatieprocedure
Geheugenmodule onder het toetsenbord
Ga als volgt te werk om toegang te krijgen:
1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Snel opstarten en de geïntegreerde batterij uitschakelen' op
pagina 41.
2. Zet de computer uit en ontkoppel de computer van de netstroom en alle aangesloten kabels.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om.
4. Verwijder de onderklep. Zie 'Onderklep' op pagina 42.
5. Verwijder het toetsenbord. Zie 'Toetsenbord' op pagina 43.
6. Verwijder de servicebeugel. Zie 'Servicebeugel' op pagina 47.
52 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Verwijderingsprocedure
Installatieprocedure
Hoofdstuk 6.CRU vervangen 53
54 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 7. Help en ondersteuning
Veelgestelde vragen
Hoe open ik het
Configuratiescherm? Typ Configuratiescherm in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
Hoe schakel ik de computer uit? Open het menu Start en klik vervolgens Aan/uit. Klik vervolgens op Afsluiten.
Hoe partitioneer ik mijn
opslagstation? https://support.lenovo.com/solutions/ht503851
Wat moet ik doen als mijn
computer niet meer reageert?
1. Houd de aan/uit-knop ingedrukt totdat de computer is uitgeschakeld. Start
de computer vervolgens opnieuw op.
2. Als stap 1 niet werkt:
Voor modellen met een noodresetgaatje: steek het uiteinde van een
uitgebogen paperclip in het noodresetgaatje om de stroomvoorziening
tijdelijk uit te schakelen. Start de computer vervolgens opnieuw op met de
netvoeding aangesloten.
Voor modellen zonder een noodresetgaatje:
Voor modellen met een verwisselbare batterij verwijdert u de
verwisselbare batterij en ontkoppelt u alle energiebronnen. Sluit de
netvoeding vervolgens opnieuw aan en start de computer opnieuw op.
Voor modellen met een ingebouwde batterij ontkoppelt u alle
energiebronnen. Houd de aan-/uitknop ongeveer zeven seconden
ingedrukt. Sluit de netvoeding vervolgens opnieuw aan en start de
computer opnieuw op.
Wat moet ik doen als ik vloeistof
op de computer mors?
1. Koppel de netvoedingsadapter voorzichtig los en schakel de computer
onmiddellijk uit. Hoe sneller de stroomtoevoer naar de computer wordt
onderbroken, des te kleiner de kans op kortsluitingen met de daaruit
resulterende schade.
Attentie: Hoewel u door onmiddellijk uitschakelen van de computer
gegevens kunt verliezen, kan het niet uitschakelen van de computer
uiteindelijk onherstelbare schade aan de computer zelf aanrichten.
2. Probeer de vloeistof niet weg te laten lopen door de computer ondersteboven
te houden. Als uw computer is uitgerust met afvoergaten aan de onderkant
van het toetsenbord, wordt de vloeistof afgevoerd via de gaten.
3. Wacht totdat alle vloeistof is verdampt voordat u de computer weer aanzet.
Hoe open ik het UEFI BIOS-
menu?
Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt weergegeven,
drukt u op de toets F1 om het UEFI BIOS-menu te openen.
Waar kan ik de meest recente
stuurprogramma's en UEFI BIOS
downloaden?
In de app Vantage. Zie 'Een Windows-besturingssysteem en stuurprogramma's
installeren' op pagina 39 en 'UEFI BIOS bijwerken' op pagina 36.
U kunt deze items downloaden vanaf de ondersteuningswebsite van Lenovo op
https://pcsupport.lenovo.com.
© Copyright Lenovo 2021 55
Foutberichten
Als u een bericht ziet dat niet is opgenomen in de volgende tabel, noteert u eerst het foutbericht, schakelt u
vervolgens de computer uit en belt u Lenovo voor hulp. Zie 'Klantsupportcentrum van Lenovo' op pagina 60.
Bericht Oplossing
0190: batterij nagenoeg leeg De computer is uitgeschakeld omdat de batterij bijna leeg is. Sluit de
netvoedingsadapter aan op de computer en laad de batterijen op.
0191: systeembeveiliging -
Ongeldige poging tot wijziging op
afstand
De wijziging van de systeemconfiguratie is mislukt. Controleer de bewerking en
probeer het opnieuw.
0199: systeembeveiliging - Aantal
pogingen invoeren Security-
wachtwoord is overschreden.
Dit bericht wordt afgebeeld wanneer u meer dan drie keer een foutief
supervisorwachtwoord opgeeft. Controleer het supervisorwachtwoord en probeer
het opnieuw.
0271: controleer instellingen voor
datum en tijd.
De datum of de tijd is niet ingesteld op de computer. Open het UEFI BIOS-menu
en stel de datum en de tijd in.
210x/211x: detectie/leesfout op
HDDx/SSDx
Het opslagstation werkt niet. Installeer het opslagstation opnieuw. Als het
probleem blijft bestaan, vervangt u het opslagstation.
Fout: de variabele UEFI-opslag
van het niet-vluchtige systeem is
bijna vol.
Opmerking:
Deze fout geeft aan dat het besturingssysteem of programma's geen gegevens in
de permanente variabele UEFI-opslag kunnen maken, aanpassen of verwijderen
vanwege onvoldoende opslagruimte na POST.
De permanente variabele UEFI-opslag van het systeem wordt gebruikt door het
UEFI BIOS en door het besturingssysteem of programma's. Deze fout treedt op
als het besturingssysteem of programma's veel gegevens in de variabele opslag
opslaan. Alle gegevens die nodig zijn voor POST, zoals UEFI BIOS-installatie-
instellingen, chipset of platformconfiguratiegegevens, worden opgeslagen op een
afzonderlijke variabele UEFI-opslag.
Druk zodra het foutbericht verschijnt op de toets F1 om het UEFI BIOS-menu weer
te geven. In een dialoogvenster wordt u gevraagd het opschonen van de opslag te
bevestigen. Als u 'Yes' selecteert, worden alle gegevens verwijderd die door het
besturingssysteem of door programma's zijn gemaakt, met uitzondering van
algemene variabelen die door de UEFI-specificatie (Unified Extensible Firmware
Interface) zijn gedefinieerd. Als u 'No' selecteert, blijven alle gegevens behouden,
maar het besturingssysteem of een programma kan geen gegevens in de opslag
maken, aanpassen of verwijderen.
Als deze fout zich bij een servicecentrum voordoet, wordt de permanente
variabele UEFI-opslag van het systeem door bevoegd Lenovo-servicepersoneel
opgeschoond middels de voorgaande oplossing.
Ventilatorstoring. Druk op ESC
om met beperkte prestaties te
starten.
Mogelijk werkt de thermische ventilator niet correct. Druk binnen vijf seconden
nadat het foutbericht is weergegeven op ESC om de computer op te starten met
beperkte prestaties. Anders wordt de computer onmiddellijk afgesloten. Als het
probleem nog steeds aanwezig is als u de volgende keer opstart, moet de
computer worden nagekeken.
56 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Fouten waarbij er een geluidssignaal klinkt
Met Lenovo SmartBeep-technologie kunt u fouten met geluidssignalen met uw smartphone decoderen
wanneer een zwart scherm met geluidssignalen wordt weergegeven op uw computer. De fout met het
geluidssignaal decoderen met de Lenovo SmartBeep-technologie:
1. Ga naar https://support.lenovo.com/smartbeep of scan de volgende QR-code.
2. Download de juiste diagnoseapp en installeer deze op uw smartphone.
3. Voer de diagnoseapp uit en plaats de smartphone bij de computer.
4. Druk op de Fn-toets op uw computer om het geluidssignaal te herhalen. De diagnoseapp decodeert de
fout met geluidssignaal en geeft mogelijke oplossingen weer op de smartphone.
Opmerking: Probeer niet zelf onderhoud aan het product uit te voeren, tenzij u hiertoe instructies hebt
gekregen van het Klantsupportcentrum of van de productdocumentatie. Schakel alleen een door Lenovo
geautoriseerde serviceprovider in voor het repareren van uw product.
Hoofdstuk 7.Help en ondersteuning 57
Zelfhulpbronnen
Gebruik de zelfhulpbronnen voor meer informatie over de computer en het oplossen van problemen.
Informatiebronnen Hoe te openen?
Problemen oplossen en FAQ https://www.lenovo.com/tips
https://forums.lenovo.com
Informatie voor gehandicapten https://www.lenovo.com/accessibility
Windows opnieuw instellen of herstellen
Gebruik herstelopties van Lenovo.
1. Ga naar https://support.lenovo.com/
HowToCreateLenovoRecovery.
2. Volg de aanwijzingen op het scherm.
Gebruik de herstelopties van Windows.
1. Ga naar https://pcsupport.lenovo.com.
2. Detecteer uw computer of selecteer handmatig uw
computermodel.
3. Klik op Diagnostics (Diagnose) Operating
System Diagnostics
(Besturingssysteemdiagnose) en volg de
instructies op het scherm.
Met de Vantage-app kunt u het volgende doen:
Configureer apparaat-instellingen.
Download en installeer updates voor UEFI BIOS,
stuurprogramma's en firmware.
Beveilig uw computer tegen bedreigingen van buitenaf.
De oorzaak van hardwareproblemen opsporen.
De garantiestatus van de computer controleren.
Toegang krijgen tot de Gebruikershandleiding en
nuttige artikelen.
Opmerking: De beschikbare functies variëren,
afhankelijk van het computermodel.
Typ Vantage in het Windows-zoekvak en druk op Enter.
Productdocumentatie:
Veiligheid en garantie
Algemene kennisgevingen over veiligheid en naleving
Installatiegids
Deze Gebruikershandleiding
Regulatory Notice
Ga naar https://pcsupport.lenovo.com. Volg daarna de
aanwijzingen op het scherm om te filteren op de
documentatie die u wilt.
58 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Informatiebronnen Hoe te openen?
Ondersteuningswebsite van Lenovo met de meest
recente ondersteuningsinformatie voor de volgende
items:
Stuurprogramma's en software
Diagnoseprogramma's
Product- en servicegarantie
Product- en onderdelendetails
Help-informatie en veelgestelde vragen
https://pcsupport.lenovo.com
Windows Help-informatie
Open het menu Start en klik op Hulp vragen of Tips.
Gebruik Windows Search of de persoonlijke assistent
Cortana®.
Ondersteuningswebsite van Microsoft: https://
support.microsoft.com
Windows-label
Op uw computer is mogelijk een Windows Genuine Microsoft-label op de klep aangebracht, afhankelijk van
de volgende factoren:
Uw geografische locatie
De versie van Windows die vooraf is geïnstalleerd
Zie https://www.microsoft.com/en-us/howtotell/Hardware.aspx voor afbeeldingen van de verschillende typen
Legitiem Microsoft-labels.
In de Volksrepubliek China is het Legitiem Microsoft-label verplicht op alle computermodellen waarop
vooraf een editie van het Windows besturingssysteem is geïnstalleerd (ongeacht welke).
In andere landen en regio's is het Legitiem Microsoft-label alleen verplicht op computermodellen met een
licentie voor Windows Pro edities.
De afwezigheid van een Legitiem Microsoft-label geeft niet aan dat een vooraf geïnstalleerde Windows-versie
niet legitiem is. Raadpleeg de informatie van Microsoft op https://www.microsoft.com/en-us/howtotell/
default.aspx voor meer informatie om te bepalen of uw vooraf geïnstalleerde Windows-product legitiem is.
Er zijn geen externe, visuele indicaties van de product-id of de Windows-versie waarvoor de computer een
licentie heeft. In plaats daarvan is de product-id vastgelegd in de computerfirmware. Het
installatieprogramma controleert of er een geldige, bijbehorende product-id in de computerfirmware
aanwezig is om de activering te voltooien, ongeacht of er een Windows-product is geïnstalleerd.
In sommige gevallen kan er onder de voorwaarden van downgraderechten van een Windows Pro-editie
licentie een oudere Windows-versie zijn geïnstalleerd.
Lenovo bellen
Als u hebt geprobeerd het probleem zelf op te lossen en nog steeds hulp nodig hebt, kunt u het
Klantsupportcentrum van Lenovo bellen.
Voordat u contact opneemt met Lenovo
Bereid het volgende voor voordat u contact opneemt met Lenovo:
Hoofdstuk 7.Help en ondersteuning 59
1. Symptomen en bijzonderheden van problemen vastleggen:
Wat voor soort probleem is het? Doorlopend of incidenteel?
Een foutmelding of foutcode?
Welk besturingssysteem gebruikt u? En welke versie?
Welke programma's waren actief op het moment dat het probleem optrad?
Kan de fout worden gereproduceerd? Zo ja: hoe?
2. Systeeminformatie vastleggen:
Productnaam
Machinetype en serienummer
In de volgende afbeelding ziet u de locatie van de informatie over het machinetype en het
serienummer van uw computer.
Opmerking: Mogelijk ziet uw computer er anders uit dan op de volgende afbeelding. Dit hangt af van
het model.
Klantsupportcentrum van Lenovo
Tijdens de garantieperiode kunt u het Klantsupportcentrum van Lenovo bellen voor hulp.
Telefoonnummers
Voor een lijst van telefoonnummers van Lenovo support in uw land of regio, gaat u naar https://
pcsupport.lenovo.com/supportphonelist voor de meest recente telefoonnummers.
Opmerking: Telefoonnummers kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Als het
nummer voor uw land of regio ontbreekt, neemt u contact op met uw Lenovo-wederverkoper of met uw
Lenovo-vertegenwoordiger.
De services zijn tijdens de garantieperiode beschikbaar
Probleembepaling: Speciaal opgeleid personeel staat tot uw beschikking om u te helpen vast te stellen of
er sprake is van een hardwareprobleem en zo ja, wat er gedaan moet worden.
60 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Reparatie van Lenovo-hardware: Als er is vastgesteld dat het probleem een hardwareprobleem is van een
Lenovo-product dat onder de garantie valt, staat ons personeel klaar om u te helpen met reparatie of
onderhoud.
Wijzigingen in het ontwerp: Een enkele keer komt het voor dat er, na de verkoop, wijzigingen in een
product moeten worden aangebracht. Lenovo of uw Lenovo-dealer zal dergelijke technische wijzigingen
meestal in uw hardware aanbrengen.
Services niet gedekt
Vervanging of gebruik van onderdelen die niet zijn gefabriceerd door Lenovo of van onderdelen zonder
garantie
Opsporing van de oorzaak van softwareproblemen
Configuratie van het UEFI BIOS als onderdeel van een installatie of upgrade
Wijzigingen, aanpassingen of upgrades van stuurprogramma's
Installatie en onderhoud van netwerkbesturingssystemen
Installatie en onderhoud van softwareprogramma's
Voor de voorwaarden en bepalingen van de Lenovo Beperkte Garantie die op uw Lenovo hardwareproduct
van toepassing is, bezoekt u:
https://www.lenovo.com/warranty/llw_02
https://pcsupport.lenovo.com/warrantylookup
Aanvullende services aanschaffen
Zowel tijdens als na de garantieperiode kunt u extra services aanschaffen van Lenovo op https://
pcsupport.lenovo.com/warrantyupgrade.
De beschikbaarheid van deze services en de namen ervan verschillen per land of regio.
Hoofdstuk 7.Help en ondersteuning 61
62 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Bijlage A. Informatie over naleving
Informatie over Regulatory Notice vindt u op https://pcsupport.lenovo.com en Generic Safety en Compliance
Notices op https://pcsupport.lenovo.com/docs/generic_notices.
Informatie over certificering
Productnaam Nalevings-ID Machinetype(s)
ThinkPad P15 Gen 2
TP00124C
TP00124C01
TP00124C11
TP00124C21
20YQ en 20YR
ThinkPad T15g Gen 2
TP00124C
TP00124C01
TP00124C21
20YS en 20YT
ThinkPad P17 Gen 2 TP00125C
TP00125C01
20YU en 20YV
1 alleen voor India
Meer informatie over naleving gerelateerd aan dit product is beschikbaar op https://www.lenovo.com/
compliance.
Plaats van de UltraConnect-antennes voor draadloze communicatie
Uw computer beschikt over een UltraConnectdraadloos antennesysteem. U kunt draadloze communicatie
inschakelen waar u ook bent.
© Copyright Lenovo 2021 63
In de onderstaande afbeelding ziet u de locatie van de antennes op uw computer:
P15 Gen 2/T15g Gen 2
1 Draadloos LAN-antenne (hulpantenne)
2 Draadloos-WAN-antenne (hoofdantenne, voor bepaalde modellen)
3 Draadloos-WAN-antenne (hulpantenne, voor bepaalde modellen)
4 Draadloos LAN-antenne (hoofdantenne)
5 4x4 MIMO draadloos-WAN-antenne (hoofdantenne, voor bepaalde modellen)
6 4x4 MIMO draadloos-WAN-antenne (hulpantenne, voor bepaalde modellen)
64 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
P17 Gen 2
1 Draadloos LAN-antenne (hoofdantenne)
2 Draadloos-WAN-antenne (hoofdantenne, voor bepaalde modellen)
3 Draadloos-WAN-antenne (hulpantenne, voor bepaalde modellen)
4 Draadloos-LAN-antenne (hulpantenne)
5 4x4 MIMO draadloos-WAN-antenne (hoofdantenne, voor bepaalde modellen)
6 4x4 MIMO draadloos-WAN-antenne (hulpantenne, voor bepaalde modellen)
Gebruiksomgeving
Maximumhoogte (zonder kunstmatige druk)
3048 m
Temperatuur
In bedrijf: 5 °C tot 35 °C
Opslag en vervoer in oorspronkelijke verzendverpakking: -20 °C tot 60 °C
Opslag zonder verpakking: 5 °C tot 43 °C
Opmerking: Bij het opladen van de batterij mag de temperatuur niet lager dan 10 °C zijn.
Bijlage A. Informatie over naleving 65
Relatieve vochtigheid
In bedrijf: 8% tot 95% bij een natteboltemperatuur van 23 °C
Opslag en transport: 5% tot 95% bij een natteboltemperatuur van 27 °C
66 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
Bijlage B. Kennisgevingen en handelsmerken
Kennisgevingen
Mogelijk brengt Lenovo de in dit document genoemde producten, diensten of voorzieningen niet uit in alle
landen. Neem contact op met uw plaatselijke Lenovo-vertegenwoordiger voor informatie over de producten
en diensten die in uw regio beschikbaar zijn. Verwijzing in deze publicatie naar producten of diensten van
Lenovo houdt niet in dat uitsluitend Lenovo-producten of -diensten gebruikt kunnen worden. Functioneel
gelijkwaardige producten of diensten kunnen in plaats daarvan worden gebruikt, mits dergelijke producten of
diensten geen inbreuk maken op intellectuele eigendomsrechten of andere rechten van Lenovo. De gebruiker
is verantwoordelijk voor de samenwerking van Lenovo-producten of -diensten met producten of diensten
van anderen.
Mogelijk heeft Lenovo octrooien of octrooi-aanvragen met betrekking tot bepaalde in deze publicatie
genoemde producten. De levering van dit document geeft u geen recht op een licentie voor deze octrooien.
Vragen over licenties kunt u richten aan:
Lenovo (United States), Inc.
8001 Development Drive
Morrisville, NC 27560
U.S.A.
Attention: Lenovo Director of Licensing
LENOVO LEVERT U DEZE PUBLICATIE OP 'AS IS'-BASIS. ER WORDEN GEEN UITDRUKKELIJKE OF
STILZWIJGENDE GARANTIES GEGEVEN, WAARONDER BEGREPEN DE GARANTIES VAN
VERHANDELBAARHEID EN GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL EN DE GARANTIE DAT DE
PUBLICATIE GEEN INBREUK MAAKT OP RECHTEN VAN DERDEN. In sommige rechtsgebieden is het
uitsluiten van stilzwijgende garanties niet toegestaan, zodat bovenstaande uitsluiting mogelijk niet op u van
toepassing is.
De informatie in deze publicatie wordt periodiek gewijzigd. Deze wijzigingen worden in nieuwe uitgaven van
de publicatie opgenomen. Om betere service te kunnen bieden, behoudt Lenovo zich het recht voor om op
elk moment en zonder voorafgaande kennisgeving producten te verbeteren en/of de producten en
softwareprogramma's te wijzigen die worden beschreven in de handleidingen die bij uw computer worden
geleverd of om wijzigingen in de inhoud van de handleiding aan te brengen.
De software-interface, functies en hardwareconfiguratie die worden beschreven in de handleidingen die bij
uw computer worden geleverd, komen mogelijk niet exact overeen met de werkelijke configuratie van de
computer die u aanschaft. Raadpleeg voor de configuratie van het product het verwante contract (indien
aanwezig) of de paklijst bij het product of neem contact op met de distributeur voor de productverkoop.
Lenovo behoudt zich het recht voor om door u verstrekte informatie te gebruiken of te distribueren op iedere
manier die zij relevant acht, zonder dat dit enige verplichting jegens u schept.
De producten die in dit document worden beschreven, zijn niet bedoeld voor gebruik bij implantaties of
andere levensondersteunende toepassingen waarbij storingen kunnen leiden tot letsel of overlijden. De
informatie in dit document heeft geen invloed op Lenovo-productspecificatie of garantie. Niets in dit
document zal worden opgevat als een uitdrukkelijke of stilzwijgende licentie of vrijwaring onder de
intellectuele-eigendomsrechten van Lenovo of derden. Alle informatie in dit document is afkomstig van
specifieke omgevingen en wordt hier uitsluitend ter illustratie afgebeeld. In andere gebruiksomgevingen kan
het resultaat anders zijn.
Lenovo behoudt zich het recht voor om door u verstrekte informatie te gebruiken of te distribueren op iedere
manier die zij relevant acht, zonder dat dit enige verplichting jegens u schept.
© Copyright Lenovo 2021 67
Verwijzingen in deze publicatie naar andere dan Lenovo-websites zijn uitsluitend opgenomen ter volledigheid
en gelden op geen enkele wijze als aanbeveling voor die websites. Het materiaal op dergelijke websites
maakt geen deel uit van het materiaal voor dit Lenovo-product. Gebruik van dergelijke websites is geheel
voor eigen risico.
Alle snelheids- en prestatiegegevens in dit document zijn verkregen in een gecontroleerde omgeving. De
resultaten dat in andere gebruiksomgevingen wordt verkregen, kunnen hiervan derhalve afwijken. Bepaalde
metingen zijn mogelijkerwijs uitgevoerd op systemen die nog in ontwikkeling waren en er wordt geen
garantie gegeven dat deze metingen op algemeen verkrijgbare machines gelijk zouden zijn. Bovendien zijn
bepaalde meetresultaten verkregen door middel van extrapolatie. Werkelijke resultaten kunnen afwijken.
Gebruikers van dit document dienen de gegevens te controleren die specifiek op hun omgeving van
toepassing zijn.
Dit document is auteursrechtelijk beschermd door Lenovo en wordt niet gedekt door enige open-
sourcelicentie, met inbegrip van enige Linux®-overeenkomst(en) die bij de software voor dit product is/zijn
geleverd. Lenovo kan dit document zonder aankondiging bijwerken.
Neem voor de meest recente informatie, vragen of opmerkingen contact op met Lenovo of bezoek de
website van Lenovo:
https://pcsupport.lenovo.com
Handelsmerken
LENOVO, LENOVO-logo, THINKPAD, THINKPAD-logo, TRACKPOINT en ULTRACONNECT zijn
handelsmerken van Lenovo. Intel en Thunderbolt zijn handelsmerken van Intel Corporation of haar
dochterondernemingen in de Verenigde Staten en/of andere landen. Linux is het geregistreerde handelsmerk
van Linus Torvalds in de VS en andere landen. Microsoft, Windows, Direct3D, BitLocker en Cortana zijn
handelsmerken van de Microsoft-bedrijvengroep. DisplayPort is een handelsmerk van de Video Electronics
Standards Association. De termen HDMI en HDMI High-Definition Multimedia Interface zijn handelsmerken of
geregistreerde handelsmerken van HDMI Licensing LLC in de Verenigde Staten en andere landen. USB-C is
een handelsmerk van USB Implementers Forum. Wi-Fi Alliance en Miracast zijn handelsmerken van Wi-Fi
Alliance. Alle andere handelsmerken zijn eigendom van de betreffende eigenaren. © 2021 Lenovo.
68 P15 Gen 2/T15g Gen 2/P17 Gen 2 Gebruikershandleiding
62


Need help? Post your question in this forum.

Forumrules


Report abuse

Libble takes abuse of its services very seriously. We're committed to dealing with such abuse according to the laws in your country of residence. When you submit a report, we'll investigate it and take the appropriate action. We'll get back to you only if we require additional details or have more information to share.

Product:

For example, Anti-Semitic content, racist content, or material that could result in a violent physical act.

For example, a credit card number, a personal identification number, or an unlisted home address. Note that email addresses and full names are not considered private information.

Forumrules

To achieve meaningful questions, we apply the following rules:

Register

Register getting emails for Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021 at:


You will receive an email to register for one or both of the options.


Get your user manual by e-mail

Enter your email address to receive the manual of Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021 in the language / languages: Dutch as an attachment in your email.

The manual is 20.05 mb in size.

 

You will receive the manual in your email within minutes. If you have not received an email, then probably have entered the wrong email address or your mailbox is too full. In addition, it may be that your ISP may have a maximum size for emails to receive.

Others manual(s) of Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021

Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021 User Manual - English - 70 pages

Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021 User Manual - German - 74 pages

Lenovo Thinkpad P17 Gen 2 - 2021 User Manual - French - 74 pages


The manual is sent by email. Check your email

If you have not received an email with the manual within fifteen minutes, it may be that you have a entered a wrong email address or that your ISP has set a maximum size to receive email that is smaller than the size of the manual.

The email address you have provided is not correct.

Please check the email address and correct it.

Your question is posted on this page

Would you like to receive an email when new answers and questions are posted? Please enter your email address.



Info